AP waarschuwt: filmen met camerabrillen is niet zomaar toegestaan
Wie met een camerabril andere mensen herkenbaar filmt of fotografeert, mag die beelden niet zonder meer delen of openbaar maken. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) wijst gebruikers daarom op de privacyregels die gelden voor het gebruik van camerabrillen.
Camerabrillen zijn voorzien van een camera en microfoons en kunnen onder meer foto's en video's maken. De brillen lijken op gewone brillen, waardoor voor omstanders niet altijd duidelijk is of iemand hen filmt. Fabrikanten gebruiken doorgaans een lampje op het montuur om aan te geven wanneer de camera actief is.
Volgens de AP is zo'n lampje op zichzelf niet voldoende om mensen te informeren over de verwerking van hun persoonsgegevens. Zodra iemand herkenbaar in beeld komt, gelden de beelden als persoonsgegevens en is de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) van toepassing.
Beelden niet zomaar delen
Voor strikt persoonlijk of huishoudelijk gebruik kan onder voorwaarden een uitzondering gelden. Wanneer beelden openbaar worden gemaakt of breder worden gedeeld, geldt die uitzondering niet. Voor het verwerken van herkenbare beelden is dan een geldige grondslag nodig.
De AP benadrukt dat het in de openbare ruimte vaak niet praktisch mogelijk is om iedereen vooraf te informeren en toestemming te vragen. Het delen of publiceren van beelden waarop anderen herkenbaar in beeld zijn, is daarom niet zonder meer toegestaan.
“Mensen moeten vrij over straat kunnen gaan zonder bang te hoeven zijn dat iemand hen ongemerkt filmt en de beelden vervolgens deelt of op internet zet”, zegt Katja Mur, bestuurslid van de AP.
Verbod in huisregels
De toezichthouder adviseert organisaties om het gebruik van camerabrillen waar nodig in hun huisregels te verbieden. Dat geldt volgens de AP in het bijzonder voor locaties zoals ziekenhuizen, rechtbanken en religieuze gebouwen, waar mensen extra bescherming tegen onopgemerkte opnames nodig hebben.
De AP verwijst daarbij ook naar de ontwikkeling van camerabrillen met AI-functies. Met sommige modellen kunnen gebruikers een AI-assistent vragen stellen over wat zij zien. Hiervoor kunnen camerabeelden en geluid uit de omgeving worden verwerkt. Ook wanneer beelden niet worden opgeslagen, kan volgens de AP sprake zijn van verwerking van persoonsgegevens.
Onderzoek naar verdere maatregelen
De AP stelt dat de verantwoordelijkheid voor privacy niet alleen bij gebruikers ligt. Ook fabrikanten en aanbieders moeten bij het ontwerp rekening houden met de bescherming van persoonsgegevens. De toezichthouder noemt onder meer duidelijke signalering wanneer een camera of AI-functie actief is en maatregelen om manipulatie van die signalering tegen te gaan.
De AP onderzoekt daarnaast welke mogelijkheden er zijn voor verdergaande maatregelen rond camerabrillen en andere wearables met een camera.
OF LOG IN MET