Deadline UPV nadert: stichting deelt eerste prestaties

Aan het eind van de zomer wordt in de Tweede Kamer bericht verwacht van honderden modebedrijven. Komen ze uit de verf met de 'UPV Textiel', de wet die hen verantwoordelijk maakt voor de afvalfase van hun kleding? Om aan de verplichtingen te voldoen, kozen de meeste merken voor een lidmaatschap bij een collectieve producentenorganisatie (PRO). Zij zetten het circulaire systeem op en leveren deze zomer hun eerste resultaten in bij de toezichthouder, Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat biedt de officiële voortgangsrapportage dit najaar aan de Tweede Kamer aan.

FashionUnited sprak met Sekhar Lahiri, directeur van Stichting UPV Textiel (de grootste PRO met ruim elfhonderd aangesloten producenten en importeurs), over de vooruitgang die al is geboekt. Hij komt met een vijftal prestaties die moeten aansturen tot een geslaagde aanpassing aan de wet.

UPV Textiel in het kort

De wet Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV) Textiel is sinds 1 juli 2023 van kracht als onderdeel van het rijksdoel om in 2050 een volledig circulaire economie te realiseren. Wie kleding, bedrijfstextiel of huishoudtextiel op de Nederlandse markt brengt, is indirect de vervuiler en daarmee ook verantwoordelijk voor de afvalfase. Merken en importeurs dragen hiervoor een bijdrage af per op de markt gebrachte kilo textiel. Met dat geld financieren producentenorganisaties (PRO’s), zoals de leidende Stichting UPV Textiel, het inzamelen, sorteren en recyclen van afgedankte kleding. 15 procent van de begroting is gereserveerd voor recycling en innovatie.

Vanaf 2025 moet minimaal de helft van het op de markt gebrachte textielgewicht worden klaargemaakt voor hergebruik of recycling. Minstens 20 procent moet worden hergebruikt (waarvan minimaal de helft in Nederland) en de rest moet worden gerecycled. Bovendien moet een kwart van die recycling hoogwaardig zijn (vezel-tot-vezel, dus met het oog op weer een nieuw textielproduct). Het percentage voor hergebruik en recycling groeit stapsgewijs naar 75 procent in 2030.

Erkenningsregeling

Producenten en importeurs moeten voor het inzamelen, sorteren en recyclen samenwerken met externe dienstverleners. Om te zorgen dat die partijen aan be-paalde kwaliteitseisen voldoen, heeft de stichting een erkenningsregeling opgezet. Daarmee wil de stichting bouwen aan een ecosysteem van erkende dienstverleners: partijen die voldoen aan normen op het vlak van bijvoorbeeld administratie, datasystemen, transparantie in de keten en arbeidsomstandigheden.

Inmiddels zijn ruim veertig van zulke dienstverleners erkend, een deel in het buitenland. Zo tekende Stichting UPV Textiel onlangs een contract met de VIVE Group uit Polen, die naast de noodzakelijke kennis en kunde ook over de innovatiekracht en de schaal beschikt die nodig zijn om ook de komende jaren aan de Nederlandse doelstellingen te blijven voldoen. Buitenlandse partijen zijn vooralsnog een klein deel van het geheel. Investeringszekerheid

Het ingezamelde textiel wordt grotendeels nog met de hand voorgesorteerd, door medewerkers die letterlijk elk kledingstuk moeten beoordelen. Straks komen er veel grotere volumes bij, zeker wanneer de consumentencampagne gaat aanslaan, waardoor snelle ontwikkeling en automatisering noodzakelijk zijn.

Een van de belangrijkste voorwaarden voor het slagen van de wet is volgens de stichting dan ook het bieden van investeringszekerheid. Dit kan door meerjarige contracten met inzamelaars, sorteerders en recyclers af te sluiten. Daar is de stichting mee begonnen, en het werpt al zijn vruchten af. De stichting ziet dat partners durven te investeren in technologie, zodat ze via automatisering grotere volumes kunnen verwerken.

KPO

De meerjarige contracten zijn ook het resultaat van een beter inzicht in de kostenstructuur van de afvalketen. Sinds 2024 laat de stichting een kostprijsonderzoek (KPO) uitvoeren naar de daadwerkelijke kosten van het inzamelen, sorteren en recyclen binnen de textielafvalmarkt. Het is voor het eerst dat zulk onderzoek voor kleding wordt uitgevoerd op basis van boekenonderzoek bij meerdere dienstverleners. Uit die KPO's bleek een structureel tekort van zo’n 12 cent per kilo voor de inname en opschoning, en nog eens 14 cent voor sortering. De wetgever stelt PRO's verantwoordelijk voor het afdekken van dat kostendeficit. De tendens in de periode tot 2026 is zorgwekkend: terwijl de omzet voor verwerkingsbedrijven daalt, nemen de kosten toe. Daarbij ziet de stichting dat het deficit in het buitenland vaak lager ligt dan in Nederland.

Zicht op textielafval

Omdat de doelstellingen jaarlijks oplopen, wil de stichting gerichter gaan vergoeden. Daarvoor worden nu alle materiaalstromen in kaart gebracht. Als PRO wil de stichting kunnen verantwoorden en sturen wat er gebeurt met het afgedankte textiel, vanaf het inzamelpunt tot aan het eindpunt. De stichting zoekt bijvoorbeeld inzicht in de verhouding tussen basis- en fijnsortering, en het percentage kleding dat daadwerkelijk wordt doorverkocht aan vintageverkopers. Met het resultaat kan het jaarlijks de methodologie te verbeteren, zodat de middelen die bij producenten worden opgehaald gericht en verantwoord kunnen worden uitgegeven.

Landelijk dekkend systeem

De wet UPV verplicht producenten en importeurs om te zorgen voor een landelijk dekkend inzamelsysteem, zodat elke inwoner van Nederland zijn textiel kosteloos kwijt kan. Dat is volgens de stichting al gelukt: er zijn contracten gesloten met inzamelaars verspreid over heel Nederland. Traditioneel zijn er drie inzamelkanalen: de textielbak op straat (in volume het grootst), de kringloopwinkel en de winkelketens. Samen zijn deze goed voor zo’n zesduizend inzamelpunten in Nederland.

Daar heeft de stichting het afgelopen jaar een vierde kanaal aan toegevoegd via Dobbie, een partner die samenwerkt met bestaande pakketafgiftepunten. Dobbie heeft inmiddels tweehonderd extra inzamelpunten gerealiseerd in Nederland, met het vooruitzicht op nog honderden extra. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld lokale supermarkten of drogisterijen, waar de consument toch met enige regelmaat naartoe moet, zo wil de stichting textielinzameling zo laagdrempelig mogelijk maken.

Consumentencampagne

Een groot deel van het textielafval belandt nog altijd in de verkeerde afvalstroom. Ongeveer de helft komt terecht bij het restafval, dat direct naar de verbrandingsoven gaat. Om daar verandering in te brengen, is vorig najaar een meerjarige communicatiecampagne gestart in samenwerking met gemeenten, kringloopwinkels en retailers. Mascotte Texxie brengt een dringend advies: ‘Drop je gebruikte textiel in de juiste bak’. Het advies is om textiel gescheiden, droog en in een dichte zak in te leveren, want dan is de kans op hergebruik en doorverkoop op de tweedehandsmarkt veel groter dan wanneer het vervuild of nat is. De campagne wordt jaarlijks verlengd; het budget daarvoor staat al vast.
Innovatie

Ongeveer 15 procent van de bijdragen van merken is gereserveerd voor recycling en innovatie gericht op vezel-tot-vezelrecycling (T2T). Dat is nodig omdat de kwaliteit van gerecyclede vezels inherent lager is dan die van nieuw (virgin) materiaal: de vezel is ouder en daardoor minder stevig. Bovendien is virgin textiel vaak goedkoper dan textiel met post-consumer recycled content (textielafval dat pas na gebruik door de consument beschikbaar is gekomen), dat hoort de stichting van leden.

Om deze kostbare T2T-markt op gang te helpen, vervult de stichting een makelaarsfunctie tussen bedrijven. Recyclers met innovatieve ideeën zoeken partijen die orders willen plaatsen, en de stichting vervult daarin een aanjagende rol. Er is een platform opgetakeld om dit soort connecties te helpen maken: TexConnect.

In pilotprojecten betaalt de stichting het prijsverschil tussen gerecyclede en virgin vezels deels overbrugt door een bijdrage aan de verwerkende partij. Daar-mee verlaagt de stichting de drempel voor een producent of fabrikant om daad-werkelijk met textielafval aan de slag te gaan en deze vezels te verwerken in een nieuwe kledingcollectie. Er zijn al meerdere voorbeelden van collecties die op deze manier tot stand zijn gekomen, zoals bij Zeeman en Garcia.


OF LOG IN MET
Stichting UPV Textiel
UPV
Wetgeving