Van klant tot eigenaar: Het Arnhemse Jones begint aan een nieuw hoofdstuk met Gonneke Stroom
“Het voelt als thuiskomen”, geeft Gonneke Stroom aan. Ze is sinds kort de eigenaar van bekende modezaak Jones in Arnhem. Het begon in eerste instantie met het invallen voor een medewerker met verlof, maar al snel kwam de vraag of Stroom de zaak over wilde nemen van oprichter Judith ter Haar. We spreken Stroom over hoe het zo is gekomen, wat klanten en partners kunnen verwachten van Jones en wat er nooit zal veranderen bij de winkel.
Sinds haar zeventiende is Stroom al klant bij Jones. “Dan moest ik natuurlijk wel even iets sparen voordat ik wat kon kopen, maar ik kom er dus al lang over de vloer.” Op dat moment is Jones ook al een winkel met een selectie van bijzondere high-end merken die niet trendgevoelig zijn. De winkel wordt zorgvuldig gecureerd door eigenaresse Judith ter Haar
Voor haar studie vertrok ze uit Arnhem en ging ze naar Maastricht waar ze Modevormgeving studeerde aan de Kunstacademie. Direct na haar afstuderen belandt ze bij Mexx, waar ze verantwoordelijk is voor de jongenscollectie. “Dat was nog voor de tijd van alle computers, dus je reisde de hele wereld rond voor beurzen en productie. Ik was drieëntwintig en ging naar India en Hongkong, dat was fantastisch.”
Ze verhuisde naar België en ging daar aan de slag bij een kindermodemerk, gevolgd door freelance werk. “Toen heb ik besloten dat ik weg wilde uit het hele commerciële van de mode-industrie.” Ze schrijft het Brusselse modemerk Ten aan waar ze ongeveer vijf jaar werkt en uiteindelijk ook mede-eigenaar is geworden. Het merk stopt vanwege productieproblemen, waarna Stroom weer gaat freelancen, dit keer als inkoper. “Ik ontdekte een paar leuke merken en het plan was om agent te worden van schoenenmerk Novesta. Dat veranderde binnen twee jaar in een agentschap met twaalf merken.”
Een van die merken was het Arnhemse merk Hul le Kes. “Ik had hem in de Volkskrant zien staan en toen ik zei: ‘Ik kom uit Arnhem en heb een agentschap in België, heb jij al een agent?’ Drie uur later had ik de collectie in de auto liggen”, vertelt ze lachend. “De week daarna hadden we vier nieuwe klanten. Het was weer mijn eerste link met Arnhem en ik heb altijd heimwee gehouden.”
Het agentschap dat Stroom met een businesspartner had stopt uiteindelijk, waarna ze naar Arnhem terugverhuisd. Daar gaat ze vier jaar aan de slag bij Sjaak Hullekes. “Inmiddels zag ik Judith van Jones ook weer vaker.” Stroom vertegenwoordigde in haar tijd van het agentschap diverse merken die bij Jones in de winkel lagen. “Toen ik stopte bij Sjaak vroeg Judith of ik niet bij haar wilde komen werken. Ze had het al vaker gevraagd omdat ik de merken, de winkel, de achterkant van de mode kende én Arnhem kende.” Stroom gaat nog niet meteen overstag. Ze stapt even volledig uit de mode en gaat werken in een ziekenhuis op de kraamafdeling, maar de mode blijft trekken. In eerste instantie wordt ze Jones toch overtuigd om een van de medewerkers te vervangen die met verlof gaat. Dat gaat al snel over in gesprekken over een mogelijke overname. Eind maart worden de handtekeningen gezet waardoor Stroom de officiële eigenaar wordt van Jones.
Tekst gaat verder na de afbeelding.
Een frisse wind en een jongere doelgroep
Stroom speelde zelf al langer met het idee om een winkel te openen in Arnhem. “Ik heb wel eens gedacht dat wanneer Jones stopt er dan een gat zou vallen waar ik in kan springen.” Want de esthetiek die ze na wilde jagen met een eigen winkel, sluit juist aan bij Jones. “Judith gaf aan dat ze wel klaar was, maar dat ze wilde dat Jones zou blijven.” Met Stroom is deze wens nu in vervulling gegaan. Ter Haar is nog beschikbaar als sparringspartner voor Stroom en Ter Haar is nog altijd welkom in de winkel.
De liefde voor Jones straalt duidelijk door tijdens het gesprek. “De waarden van Jones, zoals de esthetiek en het tijdloze, dat blijft. Ik vind het heel belangrijk dat het een beleving is om bij Jones te komen winkelen. Zo is het altijd geweest, ook vroeger. Mensen vanuit het hele land komen naar Arnhem voor Jones. Het moet een plek blijven waar je een fijne beleving hebt als je iets gaat kopen, waar je iets kunt drinken en waar je je verhaal kwijt kunt.” Het feit dat het hele personeelsteam aanblijft zal hier ongetwijfeld bij helpen. “Samen zijn we Jones.”
Verandert er dan helemaal niets bij Jones onder de nieuwe eigenaar? Of het echt verandering te noemen is, blijft in het midden, maar Stroom wil Jones weer echt een plek maken om te ontdekken. “Dat was vroeger wat meer dan nu.” Ze ziet dit voor zich door samen te werken met bijvoorbeeld jonge ontwerpers die tijdelijk een plek in de winkel tot hun beschikking krijgen en ook een evenement kunnen opzetten. “Zo hebben we af en toe iets nieuws, al is het tijdelijk. Het hoeft ook niet alleen kleding te zijn, het kan ook een tijdschrift of een architect zijn.”
Ook zal het merkenpakket wat worden uitgebouwd. “Ik vind het leuk als er een frisse wind door de winkel gaat, maar het is geen radicaal andere smaak. De gemiddelde leeftijd van onze klanten ligt nu rond de 55, als het niet al 60 is. Dat mag van mij omlaag.” Trouwe klanten hebben geen reden tot paniek, de vaste waarden in het merkportfolio blijven, zo verzekert Stroom. “Alle merken hebben een verhaal en dat vind ik belangrijk.”
De vernieuwing van Stroom, gecombineerd met de diepgewortelde waarden van Jones, belooft een boeiend nieuw hoofdstuk. Door de winkel open te stellen voor tijdelijke samenwerkingen en multidisciplinaire kruisbestuivingen, herstelt ze de functie van de boetiek als curatieplatform. In een tijd waarin fysieke retail moet concurreren met digitaal gemak, zet Jones in op de menselijke maat en de verrassing van het onbekende. De 'frisse wind' waar Stroom over spreekt, waait hiermee richting een toekomst waarin kwaliteit, verhaal en beleving de boventoon voeren.
OF LOG IN MET