In het kader van het thema 'kleur' van dit blad werd op de redactie de vraag gesteld wat een modekleur nu eigenlijk is. Het antwoord lijkt voor de hand te liggen. Een modekleur is in de mode. Deze domineert in winkels en op straat en je ziet die kleur dus overal terug. In theorie zou een modekleur ook boven het heersende modebeeld kunnen uitstijgen. In dat geval zou een niet modieus artikel, in de goede kleur alsnog 'in de mode' kunnen zijn. Mensen, werkzaam in de modebranche, weten dat die vlieger niet opgaat. Vorm is in de mode immers even belangrijk. Of niet? Is vormgeving in de mode misschien zelfs belangrijker dan kleur? Kunnen wij anno 2004 überhaupt nog wel van de modekleur spreken als er niet één kleur is, die het modebeeld beheerst? FashionUnited sprak hierover met Ellen Haeser, van Studio Commandeur in Amsterdam.

Ellen Haeser, is als zelfstandig consultant verbonden aan Studio Commandeur. Voor dat bedrijf, dat 12 jaar geleden werd opgericht door styliste Anne Marie Commandeur, signaleert zij trends en adviseert diverse bedrijven binnen de modebranche op het gebied van vormgeving en strategie.

FashionUnited: In hoeverre is kleur bepalend voor mode?

Haeser: "Kleur is voor het modebeeld steeds minder belangrijk. Eigenlijk heb ik het dictaat van de kleurkaart, zoals ik dat noem, nooit begrepen. Die rigide aanpak is midden jaren 80 ontstaan met de opkomst van de eerste stylingbureaus. Stylisten gingen de wet voorschrijven en fabrikanten, kledingmerken en detaillisten namen dat graag over, omdat het overzichtelijk was." Sinds enige tijd valt haar op dat steeds meer mensen zich daarvan afkeren en dat andere aspecten in de mode zwaarder zijn gaan wegen. "De doelgroep, de aard van het product en het materiaal waarvan het wordt gemaakt zijn aspecten die veel belangrijker worden." Voor Haeser werd dit onlangs bevestigd toen zij als deelnemer in het internationaal kleurcomité van de stoffenbeurs Tissu Premier de presentaties voor volgend jaar bijwoonde. "Die stoffenpresentaties waren genuanceerder dan voorafgaande jaren. Er werd een veel gedifferentieerder beeld gebracht. Kleur was niet langer het uitgangspunt."

De kleurkaart wordt natuurlijk niet van de een op de andere dag compleet afgeschaft. Op de vakbeurzen wordt de pantonenwaaier nu nog regelmatig gehanteerd. Haeser ontkent ook niet dat die kleurwijzer nuttig is, "natuurlijk is een kleurenschema praktisch ter oriëntatie," zegt zij."Maar ik denk dat mensen die werkzaam zijn in deze branche beter hun kennis kunnen vergaren door te vertrouwen op de eigen voelsprieten. Door af te gaan op het gevoel voor wat komen gaat."

FU: Wat gebeurt er als in de mode niet een kleur domineert?

Haeser: "Ik denk dat merken zich op andere punten van elkaar gaan onderscheiden en dat modebedrijven zich dan individueel sterk gaan profileren. De nadruk komt te liggen op het imago dat een bedrijf wil uitstralen. Kleur als modekleur speelt dan geen rol meer, maar een merk kan kleur bijvoorbeeld wel gebruiken om zich te positioneren en er een identiteit aan te ontlenen."

De consument wordt als aanstichter van deze verandering gezien. "Mode is steeds belangrijker en mensen weten er ook steeds meer vanaf. Dankzij modeprogramma's op televisie, fotoreportages in tijdschriften en internet kan men ook makkelijk van de mode op de hoogte blijven." Volgens de consultant heeft deze kennis tot gevolg dat consumenten steeds persoonlijker keuzes willen maken. Op termijn wordt meedoen aan een bekend modebeeld steeds minder aantrekkelijk. Ook voor hen geldt dat het koesteren van de eigen identiteit dan belangrijker wordt. "Je ziet het nu al. De consument heeft genoeg van het uniforme modebeeld dat in de meeste winkelstraten wordt gepresenteerd en bovendien is hij steeds beter op de hoogte. Men wil 'iets anders', maar weet nog niet precies wat. De acceptatie voor het mixen van stijlen en vormen groeit dan ook. Het eclecticisme komt sterk op, omdat het individualiteit laat zien. Ik denk dat de veranderingen die wij op het gebied van kleuren signaleren, door deze stijlbreuk zijn ingegeven." Kleur wordt minder overheersend, het beeld bepaalt de mode.

FU: Wordt het kleuraanbod dan breder?

"Ja absoluut. Het kleuraanbod zal diverser worden, maar ik denk niet dat de kleurkaart per merk groter wordt. De verbreding zal optreden doordat modeprofessionals zich minder zullen aantrekken van die zogenaamde modekleuren met als gevolg dat niet iedereen meer dezelfde kleuren hanteert." Wanneer het beeld belangrijker wordt zal men meer moeite moeten doen om de consument daarvan te doordringen. Er wordt dan meer tijd besteed aan het combineren van producten teneinde de klant steeds te verrassen. Die wil immers wel kopen, maar hij weet meestal niet wat. Op dat punt is volgens Haeser een belangrijke rol voor de modedetaillist weggelegd. "Je moet de consument laten zien wat er allemaal mogelijk is; de meeste mensen kunnen dat niet zelf bedenken. Daarom is het voor winkels zo belangrijk dat zij hun producten steeds op een andere manier presenteren en zo hun klanten tot kopen verleiden.

FU: Verwacht u dat vorm het modebeeld gaat domineren?

"Eerlijk gezegd verbaast het me dat het niet al zover is. Het proces loopt achter. Toen een jaar of vijf geleden het lasersnijden voor textiel werd geïntroduceerd, verwachtte ik dat de ontwikkelingen op dat gebied razendsnel zouden gaan. Ik bedoel niet dat het silhouet compleet verandert - ik kondig niet de komst van 'space'pakken aan - maar ik verwacht wel grote veranderingen op het gebied van productietechniek. Dit zal ook wijzigingen voor de vorm met zich meebrengen. Nu reeds groeien de mogelijkheden voor productie met behulp van door laser gestuurde snijmachines. Denk maar aan de ontwikkeling van naadloze kledingstukken. Zodra de techniek gangbaarder wordt, kan de productie omhoog en dalen de kosten. Het succes bleek met het seamless T-shirt dat Marks&Spencer afgelopen zomer bracht. Dat is uitstekend verkocht."

FU: U sprak over een stijlbreuk, wat verwacht u verder?

"Een belangrijke verandering is dat op termijn de seizoenen verdwijnen. Er is steeds minder onderscheid tussen de winter- en zomergarderobe. Doordat mensen veel reizen laten ze hun kleding het hele jaar door in de kast hangen en wordt niet meer, zoals vroeger, een deel weggeborgen. Daarom wordt het combineren van de kleding uit verschillende seizoenen makkelijker en trek je bijvoorbeeld sneller een transparant shirt aan onder een harig vest. Ook die materialenmix is van invloed op het kleurbeeld natuurlijk, omdat een kleur in verschillende materialen heel anders oogt." Een ander herkenbaar aspect van deze stijlmix is het combineren van formele stukken en vrijetijds kleding. "Denk aan het herenkostuum dat gedragen wordt met een T-shirt en gymschoenen. Hierbij kan kleur ook heel verrassend werken, door de traditionele krijtstreep in felle kleuren te brengen of om bij de authentieke versie een shirt in een knalkleur te dragen."

Daarnaast signaleert Haeser een opkomst van metallic, glanseffecten, changeant-changeant en tweekleurige stoffen. Ook voor overdag. "Doordat mensen steeds beter leren kijken, ontstaat de vraag naar meer verfijnde stoffen. Men wil verrast worden en dat gebeurt door op stof een glanseffect aan te brengen. Daardoor lijkt het materiaal een diepere onderlaag te bevatten."

Klanten voorzien van persoonlijke informatie is een ander aspect wat in de modedetailhandel steeds belangrijker wordt. "Consumenten, (vooral de groep 'babyboomers', wordt steeds invloedrijker) hechten veel waarde aan persoonlijke aandacht en service. Daarnaast zal de markt voor maatkleding, 'costum made' en van producten die op verzoek worden samengesteld (d.a. gymschoenen waarvan de klant zelf de kleuren kan bepalen) sterk groeien. Intensieve begeleiding van de klant wordt essentieel. De tijd waarin je een kledingrek kon presenteren en 'zoek het maar uit' is dan definitief voorbij."

 

Related Products

 

Gerelateerd

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN