• Home
  • Nieuws
  • Mode
  • De toekomst van fashion weeks: Tentoonstelling Fashion for Good neemt modeweken onder de loep

De toekomst van fashion weeks: Tentoonstelling Fashion for Good neemt modeweken onder de loep

Door Marthe Stroom

19 mei 2022

Mode |Interview

Fashion For Good Museum, credits: Kyla Elaine

Fashion week is van oudsher al een scherpe indicator van waar de mode industrie naartoe gaat. Maar, met alle digitale innovaties van de afgelopen jaren is de fashion week zoals we deze kennen allang niet meer wat het was. En dat roept vragen op, want wat vertellen alle veranderingen die we de afgelopen jaren gezien hebben over de toekomst van de mode? Het Fashion For Good museum in Amsterdam beantwoordt deze vragen met hun nieuwe tentoonstelling ‘Fashion Week: een nieuw tijdperk’, waar zij bezoekers meenemen door het verleden, heden en de toekomst van fashion week.

FashionUnited ging langs voor een exclusieve rondleiding en knoopte het gesprek aan met pioniers van de fashion week van de toekomst: Evelyn Mora (oprichter Helsinki Fashion Week), Darshana Gajare (Hoofd Duurzaamheid bij FDCI x Lakmé Fashion Week) en Jaspreet Chandok (Hoofd Lifestyle Businesses bij Rise Worldwide, het moederbedrijf van Lakmé Fashion Week). Zij deelden met FashionUnited hun ideeën over wat we van de toekomst van fashion week kunnen verwachten en de relevantie van fysieke modeshows in het licht van digitalisatie.

Fashion week pioniers delen verwachtingen voor de toekomst

Helsinki Fashion Week (HFW) en het Indiase FDCI x Lakmé Fashion Week (LFW) zijn de afgelopen jaren als relatieve nieuwkomers internationaal erkend voor hun leidende rol in het veranderen van de fashion weeks zoals we deze kennen. Helsinki Fashion Week debuteerde in 2016 en volgde (met naar eigen zeggen de nodige kritische blikken tot gevolg) al snel met een rits aan tot voorheen ongekende duurzaamheids initiatieven. In 2018 kondigde zij aan leer compleet uit hun programma te verbannen en hielden ze hun fashion week in het door hunzelf opgezette ‘eco-village’ waar duurzaamheid daadwerkelijk overal in overweging werd genomen: van elektrisch vervoer tot zonne-energie, catering van overgebleven voedsel en drinkbaar gezuiverd zeewater. 2019 was het jaar waarin ze het ‘urban curtain’ ontwikkelde dat een paleis in Helsinki bedekte met een oppervlak speciaal ontworpen om CO2 deeltjes en luchtverontreinigende stoffen op te vangen en vervolgens door middel van algen als nieuwe zuurstof het paleis in te pompen, waardoor de locatie van frisse zuurstof werd voorzien. In 2020 hielden zij een compleet digitale 3D fashion week in een ‘Digital Village’. Ook zijn ze elk jaar opnieuw uitzonderlijk selectief in wie ze wel en niet toelaten om op hun fashion week te showcasen.

Het Indiase FDCI x Lakmé Fashion Week pioniert door één hele dag speciaal toe te wijden aan duurzame mode en het werken met seizoenen te elimineren. Daarnaast creëerden zij in de corona-periode een digitale ruimte om hun fashion week tentoon te stellen en werkten ze met hun ‘NEXA Digital Couture’ initiatief samen met zes Indiase ontwerpers om 3D mode te creëren en daarmee een technologie te optimaliseren die consumenten in de gelegenheid brengt een outfit virtueel te passen voor deze daadwerkelijk te kopen. Werken van beide fashion weeks spelen dan ook een prominente rol in de nieuwe tentoonstelling van het Fashion For Good museum.

Het verleden: de oorsprong van fashion week en activisme als kunstvorm

De tentoonstelling start geheel chronologisch, met een tijdlijn die de oorsprong van fashion week aantoont: in 1943 in New York, om precies te zijn. De toon rondom de interactie tussen fashion week en maatschappelijke ontwikkelingen is hierbij meteen duidelijk gezet. Deze eerste editie werd opgezet door de Amerikaanse Eleanor Lambert omdat de destijds leidende Europese designers wegens de Tweede Wereldoorlog hun activiteiten op stop hadden moeten zetten, wat vraag bood naar presentaties van Amerikaanse designers. Al snel volgde hierop fashion weeks in Florence en Milaan, met uiteindelijk de eerste internationale fashion week in Parijs in 1973.

Er is in het museumgedeelte ‘verleden’ ook gelegenheid om ontwerpen van de grote designers van dichtbij te bewonderen. Stuk voor stuk vertalen deze designs iets over het traditionele karakter van fashion week en de mode industrie van toen. Zo is er een Balenciaga jurk uit 1966 te zien die van struisvogelveren gemaakt is, iets wat vandaag de dag uit den boze zou zijn.

Naar aanleiding van een tentoongestelde Moschino jurk blijkt dat sommige toonaangevende ontwerpers ook in de twintigste eeuw al bezig waren met de vervuilende effecten van modeshows. In de jaren negentig weigerde de Italiaanse designer Franco Moschino om nog langer modeshows te houden wegens de negatieve impact die deze volgens hem hadden op het milieu. Destijds een grote stap, vooral in overweging nemend dat activisme in deze periode vaak niet verder reikte dan een boodschap in het fysieke design zelf, zoals bijvoorbeeld goed te zien is in het werk dat Vivienne Westwood deed met slogans. Dit veroorzaakte destijds veel oproer. Maar, waar de kunst toen als leidend werd gezien in het aansporen van verandering, gaat het inmiddels om daden.

Fashion For Good Museum, credits: Kyla Elaine, Balenciaga jurk
Fashion For Good Museum, credits: Kyla Elaine, Vivienne Westwood t-shirt

Het heden: kritische consumenten en een entree in 3D

Vandaag de dag zou alleen een slogan voor de consument lang niet meer voldoen als daad van activisme. De druk van de klimaatcrisis groeit, en daarmee ook de kritiek op uitputtende aspecten van de mode industrie, zoals het werken met seizoenen, snel op elkaar volgende trends en overproductie. Ook bij het reizen dat komt kijken bij het bezoeken van een fysieke fashion week begon men vragen te stellen. Al met al kijkt de consument verder en is deze nog kritischer geworden. Op de verdieping waar het ‘heden’ tentoongesteld wordt is dan ook een opvallend verschil te herkennen met de ontwerpen uit het ‘verleden’: innovaties met activistische idealen worden van ontwerp tot ontwerp aan het begin tot het eind van het productieproces geïmplementeerd.

Het is dan ook in dezelfde ruimte dat de initiatieven van HFW en LFW worden getoond. Bezoekers kunnen digitale modeshows bekijken (en daarom technisch gezien bijwonen) van onder andere Helsinki Fashion Week, Tommy Hilfiger, The Fabricant, Botter en Ronald van der Kemp. Ook kunnen bezoekers hier hun eigen avatar creëren.

Ondanks de grote focus die in dit deel van de tentoonstelling op digitale en duurzame fashion weeks ligt, zou Mora de initiatieven onder de grote spelers van de modemaand graag duidelijker zien: “Ik vind dat het veel duurzamer en innovatiever moet. Er zijn wat inspanningen geweest van de grote vier modeweken (Parijs, Milaan, Londen, New York, red.) - voornamelijk door London Fashion Week en British Fashion Council - maar de algemene modemaand blijft hetzelfde na al die jaren. Ik denk dat het huidige concept de insiders van de sector gemakkelijk en vertrouwd voelt, waardoor er niet die dringende behoefte is om écht te veranderen.”

Ook legt Mora verantwoordelijkheid bij de merken zelf: “De merken maken het gebrek aan innovatie van fashion weeks vaak goed met hun innovatieve storytelling en shows. De vraag is dan waar de verantwoordelijkheid ligt. De merken zelf spelen hier ook een rol.” Dit is een idee dat LFW ondersteunde met hun Circular Design Challenge en Sustainable Fashion Day. Ook HFW heeft het voor elkaar gekregen de lat voor ontwerpers hoger te leggen, door strenge toelatingseisen met betrekking tot duurzaamheid te stellen.

Helsinki Fashion Week Digital Village, credits: Evelyn Mora
Helsinki Fashion Week Digital Village, credits: Evelyn Mora

De toekomst van fashion week: democratie, inclusiviteit en blijvende relevantie voor fysieke bijeenkomsten

Wel verwacht Mora voor de toekomst op basis van haar eigen ervaring met de Digital Village uiteindelijk een groei van de mainstream modeweken naar de digitale omgeving. Maar, dan moet het volgens haar wel goed worden aangepakt. Zo is ze over Decentraland’s eerste fashion week die afgelopen maart werd gehouden nog kritisch: “Dat was voor mij geen fashion week, maar een mode-geïnspireerd evenement waar een grote groep mensen in samenspel leerden over verschillende bedrijven.”

Ook Chandok deelt: “Hoewel fysieke modeweken hun eigen charme hebben als het gaat om mensen persoonlijk ontmoeten, netwerken en het tactiele aspect van aanraken en voelen, zijn ze ook een enorme belasting voor het milieu. Er zijn natuurlijk manieren om ze om te zetten in groene evenementen, maar digitale activaties zijn een veelbelovende ruimte geworden om een groter bereik te creëren.”

Over de rol van de fysieke modeshow in de toekomst, deelt Mora mee: “Sociale bijeenkomsten zullen heel belangrijk zijn en altijd relevant blijven. Of we daarbij in een kring gaan zitten en modellen heen en weer zien lopen, dat is een ander verhaal.” Ook Chandok bevestigt: “Wij denken dat fysieke modeweken blijvend zijn, maar digitale innovaties kunnen helpen de ecologische voetafdruk van evenementen te verkleinen naarmate ze exclusiever worden in persoon en inclusiever door een groter digitaal bereik.”

In de toekomst van fashion weeks zien zowel Mora als Chandok naast meer duurzaamheid, ook meer transparantie en autoriteit voor de consument. Zo deelt Chandok mee dat de fashion week van de toekomst ‘inclusiever en democratischer’ wordt. Mora breidt uit: “Ik denk dat we in de toekomst in plaats van modeshows sociale evenementen zullen zien waarbij de kennis zich meer bottom-up zal bewegen, van consument of doelgroep naar het merk. Het gesprek zal hierbij niet noodzakelijk over de volgende designer collectie gaan, maar over wat het publiek zal dragen. Je kunt dit een beetje zien zoals stemmen: de merken zullen het hele jaar door campagne voeren en de mensen zullen zelf kiezen wie zij zullen steunen.”

Deze voorspelling doet denken aan de rol van straatfotografie die plaatsvindt bij fashion weeks wereldwijd en waarvan het resultaat inmiddels al net zo inspirerend wordt gezien als de shows zelf. Verslagen van street fashion worden getoond in veel mode-media en de straatfotografie van Scott Schuman wordt inmiddels getoond in het Victoria & Albert museum in London, zo blijkt uit een sectie die ook in de tentoonstelling van het Fashion For Good museum hieraan is gewijd.

Over hun eigen plannen voor de toekomst deelt Gajare van LFW dat de focus ligt op het houden van zero-waste, carbon-neutrale evenementen waarbij ze hopen de industrie in zijn geheel te kunnen inspireren tot vergelijkbare daden. De toekomstige focus van HFW zou volgens Mora maar al te goed in een geheel nieuwe digitale uitdaging kunnen liggen: het beheren van onze eigen data. “Wij maken ons zorgen over hoe technologieën in de toekomst gebruikt zullen worden als het gaat om onze privacy. Ik geloof dat we uiteindelijk allemaal eigendom zouden moeten krijgen over onze persoonlijke data en zie dit vorm krijgen door middel van een soort van data conciërges die we kunnen gebruiken voor hun services. Vergelijkbaar met data handelaars die ons toegang van onze data zullen geven om ons toegang te bieden tot de informatie, producten en diensten waarin we echt geïnteresseerd zijn.”

Al met al zal de toekomst van fashion week er dus een zijn van samenspel tussen fysiek en digitaal, waarbij het fysieke aspect nieuwe vormen aanneemt en zowel de consument als de fashion week bezoeker meer zeggenschap krijgt. Ontwikkelingen om naar uit te kijken.

De expositie ‘Fashion Week: een nieuw tijdperk’ opent 20 mei en is te zien tot en met oktober 2022. Het Fashion for Good Museum is te bezoeken op het Rokin 102 in Amsterdam van woensdag tot en met maandag van 10.00 tot 18.00 uur.