Het aantal gemeenten dat te maken krijgt met structurele

winkelleegstand is het afgelopen jaar met 26 procent toegenomen. Begin 2011 was in 109 gemeenten de leegstand groter dan de frictieleegstand van 4 tot 5 procent en werd een krimp van de bevolking voorspeld, maar in 2012 is het aantal gemeenten met deze toekomstverwachting toegenomen tot 136.

Dat blijkt uit de Leegstandsbarometer van ruimtelijk-economisch adviesbureau DTNP in Nijmegen. Ook is het aantal gemeenten waar sprake is van een gunstige toekomstverwachting met minder leegstand dan de reguliere frictieleegstand en verwachte bevolkingsgroei met een kwart afgenomen. In totaal is de leegstand in Nederland het afgelopen jaar met 200.000 vierkante meter winkelvloeroppervlak toegenomen. Oorzaken van de toegenomen leegstand zijn stagnerende bestedingen, ondernemers die met pensioen gaan en de opkomst van webwinkels.

In 26 gemeenten in Nederland is er juist sprake van een overspannen markt met gebrek aan winkelruimte. Deze gemeenten hebben te maken met weinig leegstand en een groeiende bevolking. Daar liggen volgens DTNP kansen voor uitbreiding en versterking van het winkelaanbod.

Bij zowel krimp als groei wordt volgens DTNP de vestigingslocatie van winkels steeds belangrijker. Voornamelijk buurtstrips, verouderde woonboulevards en aanloopstraten zijn kwetsbaar. In grotere, dagelijkse boodschappencentra en onderscheidende creatieve centra liggen volgens het adviesbureau nog wel kansen. Ook vindt DTNP dat er bij structurele winkelleegstand een belangrijke rol voor gemeenten is weggelegd die via hun ruimtelijke ordeningsbeleid actief kunnen sturen.

 

Gerelateerd

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN