• Home
  • V1
  • Columns
  • Wilgroei aan outletparadijzen

Wilgroei aan outletparadijzen

9 mei 2012

Merkdorpen zijn de droom van op koopjes beluste consumenten en modemerken

met restpartijen, maar een nachtmerrie voor detaillisten die hun omzet zien dalen. In Halfweg, Zoetermeer, Zuidbroek en Velsen liggen plannen voor nieuwe factory outlet centers. Een goede zaak, ja of nee?

‘Straks krijgen we nog Spaanse taferelen met compleet lege winkelcentra’

‘Ondernemers die een nieuw winkelgebied niet zien als een kans, maar als een bedreiging, zijn er altijd’


In de voormalige suikerfabriek Sugar City in Halfweg, gelegen tussen Amsterdam en Haarlem, komt na Batavia Stad, Designer Outlet Roermond en Rosada, mogelijk een vierde Nederlandse factory outlet. De gemeente heeft al groen licht gegeven voor een outletcentrum. Ook op de grond tussen de A9, A22 en het Noordzeekanaal zijn plannen voor een nieuw merkdorp, genaamd Fun Valley, dat een soort familiepark moet worden met ook outdoorsport- en horecalocaties. In het Groningse Zuidbroek ligt het ontwerp voor Designer Outlet Noord-Nederland en op het Bleizo-terrein aan de rand van de gemeenten Zoetermeer en Lansingerland in Zuid-Holland moet ook een outletcentrum uit de grond worden gestampt.

Ze zijn overgewaaid uit de Verenigde Staten, de factory outlet centers. Sinds de jaren zeventig trekken de ruim driehonderd merkdorpen in Amerika miljoenen consumenten naar zich toe. En sinds de jaren tachtig zijn ook de Europese consumenten op koopjesjacht in een outletcentrum. Eerst waren Frankrijk en Groot-Brittannië aan de beurt. In 2001 zag ook een aantal Nederlandse detaillisten een nachtmerrie werkelijkheid worden: Batavia Stad in Lelystad en Designer Outlet Roermond in Roermond openen hun deuren. In 2006 opende Rosada in Roosendaal. Ieder centrum trekt jaarlijks tusen de 2 en 3,5 miljoen bezoekers, die gemiddeld 25 euro uitgeven. Het belangrijkste kenmerk van een factory outlet center is dat merkwinkels zonder tussenkomst van groot- en detailhandel, aan de consument verkopen. Zijn de kledingstukken van een jaar oud, niet goedkoop genoeg, dan haakt de teleurgestelde klant af, zo bleek uit consumentenonderzoek door Batavia Stad. Winkeliers in de omgeving van zo’n centrum worden een beetje bang. Niet geheel onterecht: sinds Designer Outlet Roermond opende, heeft de modebranche in Roermond te maken gehad met een omzetdaling van 0 tot 5 procent, zo meldde een rapport van Bureau Ruimtelijke Ordening begin 2011. Zo’n 20 procent van de bezoekers van factory outlets bezoekt zowel de binnenstad als het outletcentrum. De huidige leegstand in de centrumgebieden van Roermond, Roosendaal en Lelystad bedraagt 17 procent van het totale winkelvloeroppervlakte; boven het landelijke gemiddelde van 11 procent, maar nog onder de cijfers van Almelo, Schiedam, Sittard, Geleen en Vlissingen.

[Nee!]
Danny Doesburg is eigenaar van een aantal sportmodezaken en strijdt samen met Winkeliersvereniging Bleiswijk tegen de komst van een nieuw factory outlet center op het Bleizo -terrein aan de rand van de gemeenten Zoetermeer en Lansingerland. Met succes: de provincie Zuid-Holland besloot in februari extra onderzoek in te stellen naar het outletcentrum met luxe modemerken als Prada en Gucci. Het centrum moet gedeeltelijk overdekt worden, waardoor het ook met druilerig Hollands weer aantrekkelijk is om te shoppen.

“Wie gaat er nou na het winkelen in Bataviastad nog even gezellig Lelystad in? Bijna niemand toch? Misschien dat steden als Den Haag of Gouda nog wat extra aanloop kunnen verwachten van consumenten die voor Factory Outlet Bleizo van buiten de regio komen. Maar Berkel en Rodenrijs, Bleiswijk en Bergschenhoek, in de gemeente Lansingerland zullen geen profijt hebben. Die ene euro die consumenten in een outletcentrum uitgeven, geven ze niet meer uit aan de lokale middenstand. Door de komst van een factory outlet zal de leegstand in de omringende dorpen verergerd worden. Winkelpanden moeten niet dezelfde kant op gaan als de kantorenmarkt, waar er ook maar eindeloos bijgebouwd werd. Straks krijgen we nog Spaanse taferelen met compleet lege winkelcentra. Dan is er ook nog de dreiging door online winkels. Consumenten gaan op een andere manier hun producten in slaan, dat moet meer meegenomen worden bij de visie van de provincie Zuid-Holland. Als winkeliersvereniging van Bleiswijk vinden we het vooral belangrijk dat er geen winkels buiten de dorpskernen worden gebouwd, maar dat wordt geïnvesteerd in de bestaande centra. Ook consumenten, die eerst wel koopjes wilden jagen in een outletcentrum, willen meer aandacht voor de dorpskernen als je uitlegt wat de gevolgen zijn van zo’n factory outlet. Het gaat toch om de welstand van hun woonplaats. Dat de locatie voor een projectontwikkelaar van factory outlet’s geweldig is snap ik heel goed, als ik daar werkte, zou ik ook voor deze plek kiezen, langs de A12. En, de hoofdreden dat gemeenten instemmen: de opening van het outletcentrum zou de komst van een treinstation betekenen. Dat vergroot de mobiliteit van de regio, zonder dat de gemeenten Lansingerland en Zoetermeer er veel aan hoeven doen. Maar vanuit het bestaande winkellandschap moet je kritisch zijn. En een outlet, midden in de Randstad? Het is hier dichtbevolkt, en door de komst van zo’n centrum kan het ontzettend druk worden op de wegen. Dat winkeliers geen last hebben van het outletcentrum omdat de collecties oud zouden zijn, is ook achterhaald. Ja, een factory outlet is in het leven geroepen om restpartijen te verkopen, maar tegenwoordig worden er door merken speciale collecties geproduceerd voor die winkels. Die kledingstukken zijn dan bijna hetzelfde als wat in de reguliere winkels hangt, maar dan met net een andere rits. Denk maar na, hoe kan het anders dat de ze alle maten aanbieden?”

[Ja!]
Ben Kolff, directeur van de McGregor Fashiongroup, heeft samen met een groep investeerders plannen voor een outletcentrum bij het Groningseplaatsje Zuidbroek. De provincie Groningen is nog niet direct enthousiast over Designer Outlet Noord-Nederland, grootschalige detailhandel bij Zuidbroek is in strijd met het provinciaal omgevingsplan. Ook wordt gevreesd voor een dalende werkgelegenheid in de omliggende plaatsen. Burgemeester Eduard van Zuijlen van Menterwolde, waar Zuidbroek onder valt, vindt het juist een ‘geschenk uit de hemel’ dat er een ondernemer langs komt die 500 tot 1000 banen in de aanbieding heeft.

“Extra kledingstukken laten produceren voor in een outletwinkel? Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Sommige merken vullen wel hun basisassortiment aan, om zo alle maten aan te kunnen bieden. Bij McGregor gaan we ook heel voorzichtig om met bijproduceren. Een outletcentrum gaat om restpartijen, overvoorraad, die modemerken toch kwijt moeten. Vijf tot tien jaar geleden waren winkeliers nog wel bereid om die partijen af te nemen. Ze hingen de kledingstukken tijdens de uitverkoop in de winkels en boekten zo wat extra omzet. Maar retailers zijn daar steeds minder in geïnteresseerd en zo konden outlets een waar fenomeen worden. Winkeliers willen steeds meer vernieuwing in de winkel. Elk zelfrepecterend merk heeft nu zo’n tien collecties per jaar in plaats van één winter- en één zomercollectie. Door al die extra collecties is er ook meer overvoorraad en nog meer markt voor outletcentra. Mode-ondernemers rondom het toekomstige Designer Outlet Noord-Nederland vrezen voor omzetverlies. Branchorganisatie CBW-Mitex noemt een outlet in Oost-Groningen een doodsteek voor winkeliers. Ja, ondernemers die een nieuw winkelgebied niet zien als een kans, maar als een bedreiging, zijn er altijd. In Lelystad, Roermond en Roosendaal stonden winkeliers ook niet te springen om een factory outlet, totdat ze zagen wat voor aantrekkingskracht het heeft op het omliggende gebied. De locatie in Groningen is geweldig. Langs de A7, twintig kilometer van de stad Groningen – niet te ver weg en niet te dichtbij de concurrerende winkels in de stad – en dertig minuten reisafstand vanaf Duitsland. Ook andere bedrijven zagen er wel brood in om dit gebied in Noord-Nederland om te toveren tot een winkelgebied. Maar het plan van investingsmaatschappij Revascom is het verst gevorderd, medio dit jaar krijgen we meer zekerheid. We zien graag merken als Hugo Boss, Tommy Hilfiger en Suit Supply. Internationale merken, heren- en dameskleding, schoenen en luxe sportartikelen in het midden-hoog segment, net als McGregor en Gaastra. Ik zie die modebedrijven als conculega’s. Samen hebben de merken een aanzuigende werking, net als in een reguliere winkelstraat. De restvoorraad van McGregor wordt nu verkocht in Bataviastad en in Designer Outlet Roermond. Daar zijn we heel tevreden over. Het gaat prima, ook in de winkels in de omgeving waar de collecties verkocht worden. Ja, dat is heel belangrijk voor ons, anders snij je jezelf in de vingers.”

Dit artikel is gepubliceerd in FashionUnited vakblad nummer 2 van 2012