'Weinig mensen produceren breiwerk op deze manier'

Je kop boven het maaiveld uitsteken is in het persoonlijke leven soms al lastig, laat staan in het zakenleven. Toch zijn er ondernemers die deze stap durven te zetten. In de rubriek ‘Mijn Niche’ aandacht voor deze durfals. Deel 1: mode- en accessoireontwerpster

Sarena Huizinga, gespecialiseerd in knitwear.

'Weinig mensen produceren breiwerk op deze manier'Tegenwoordig is breien een hippe hobby, maar je geld er mee verdienen is weer een whole different ball game. Vanwaar deze stap?
"Op de academie (Royal Academy of Arts, Den Haag, red.) kregen we les in breien en ik vond het gelijk leuk om te doen. Toen ook nog eens bleek dat mijn moeder een oude breimachine op zolder had staan, werd ik nog enthousiaster. Had ik in het tweede jaar van mijn studie een paar gebreide items in mijn collectie, in het derde jaar bestond mijn collectie alléén nog maar uit gebreide ontwerpen.”

Wat is er mooier aan breien dan aan weven?
“Wat ik tof vind aan breien is dat je behalve aan structuur en kleur, ook aan vorm kunt werken. Weven is recht toe recht aan, gewoon een rechte lap eigenlijk. Maar met breien kun je op de machine al vorm aanbrengen. Hierdoor kan je namelijk zorgen dat patronen mooi doorlopen en niet stoppen bij naden. Ik vind dat een ontwerp niet alleen mooi moet zijn van een afstand, maar ook van dichtbij en zelfs aan de binnenkant. En mooi op de foto.”

Op je website staat een aantal ontwerpen en ze zien er erg mooi uit; stoer met een knipoog. Is dat het verhaal wat je wilt vertellen met je werk?
“De inspiratie voor de collectie Wickedland, die op mijn website staat, zijn al mijn oude speelgoedpoppen en knuffels. Daarom zie je veel dierlijke elementen terugkomen. Zoals een hoed met lange konijnenoren. Mijn label moet inderdaad chic zijn met een knipoog. Soms is het goed om niet altijd serieus te zijn, dus mijn werk moet ook niet stijf ogen. Ik wil dat als je op straat loopt en iemand ziet passeren met die konijnenhoed, dat je dan denkt: ‘Leuk, wat grappig!’, en vrolijker verder wandelt.”

Hoewel je ontwerpen vrolijk zijn, is de kleur heel basic. Je collectie bestaat vooral uit zwart en grijs.
“Ja, ik hou van zwart. Vaak bestel ik mijn staalkaarten bij Italiaanse bedrijven en daar zitten soms ook gekleurde garen bij, maar uiteindelijk werk ik toch het liefst met gedekte tinten. Daardoor zie je de structuur en vorm van een ontwerp beter, en dat is voor mij uiteindelijk het belangrijkst.”

En hoe gaat het met de verkoop?
“Nou, ik ben net begonnen met de verkoop en langzaamaan vind ik afnemers. Op dit moment ben ik druk met het bezoeken van winkels die mijn spullen willen inkopen. Ik heb een lijstje met winkels waar ik graag langs wil. Winkels die exclusieve, aparte merken verkopen.”

Zoals?
“Zoals SPRMRKT en Comptoir 1234567." (respectievelijk in Amsterdam en Rotterdam, red.)

En hoe reageren de winkelmedewerkers op je werk?
“Goed, ik hoor veel positieve feedback. Ik krijg vooral complimenten over de ontwerpen en de afwerking. Het doet mensen denken aan Scandinavische mode; eenvoudig en strak.”

Dus, hoewel een niche, is je werk toch commercieel?
“Ik probeer een balans te vinden, maar niet bewust. Ik bedenk dingen die goed aanvoelen. En door bezoekjes aan winkels en dus inkopers, krijg ik veel input waardoor ik weet of mijn werk mensen aanspreekt en of het commercieel genoeg is. Ik vind het niet eng om een niche te hebben, ik geniet er van om dit te doen en om vakwerk te maken. Er zijn heel weinig mensen die op deze manier breiwerk produceren.”

Tekst: Ilona de Vries

Foto's: Mariette van Soesbergen

 

Related Products

 

Gerelateerd

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN