Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Iedereen heeft wel minimaal één trui in de kast liggen. Maar weinig mensen staan erbij stil dat vissers tot in de jaren twintig de enigen waren die een trui als bovengoed droegen – lang voordat Coco Chanel daar mode van maakte. Wie zich eenmaal verdiept in de historische, handgebreide visserstrui (gedragen tussen 1865-1950) raakt er geheid door gefascineerd. Zo ook textielexpert Stella Ruhe: zij doet al jaren onderzoek naar Nederlandse visserstruien, die alleen nog zichtbaar zijn op foto’s uit die periode, en is auteur van drie zeer succesvolle boeken, waarmee ze de visserstrui uit de vergetelheid haalde.

De oorsprong van de visserstrui, zo wist Ruhe, ligt in Schotland en Engeland. Daar droegen vissers al vanaf 1830 hun dikke onderhemden als werkgoed- en bovengoed, die ganseys werden genoemd. Alle vissers, ook de Nederlandse, voeren eind mei of begin juni massaal naar de Shetlandeilanden, om van daaruit op haringvangst te gaan. Allemaal namen deze vissers die Engelse en Schotse gewoonte over. Thuis breiden de vrouwen de truien, werkgoed dat opgebruikt werd, vanuit de eigen, lange breitraditie.

Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Historische visserstruien naast traditionele streekdracht

Nagebreide exemplaren van deze visserstruien zijn nu te zien in het Klederdrachtmuseum in Amsterdam. Daar worden ze getoond naast de klederdracht uit dezelfde streek. FashionUnited woonde een rondleiding bij van Stella Ruhe. De schrijfster zit al vijfendertig jaar in het uitgeversvak als vakredacteur textiel en is daarvoor textieldocent geweest. In 1983 kwam ze bij uitgeverij Cantecleer te werken. “Op mijn eerste werkdag lag er op mijn bureau een manuscript over Nederlandse visserstruien, geschreven door Henriëtte van der Klift-Tellegen”, zo begint ze de rondleiding. “Er zat een briefje bij van de uitgever met de vraag of ik het wilde terugsturen naar de auteur. De reden? Het paste niet bij het fonds, want alle boeken moesten een zelfmaak-onderdeel bevatten. Ik was echter direct enthousiast en heb me er sterk voor gemaakt om dit boekje uit te geven, mét breipatronen. Het werd een instant succes. Maar halverwege de jaren tachtig had niemand meer belangstelling voor breien en stortte de markt in. Ik heb nooit meer aan de visserstrui gedacht.”

Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Stella Ruhe stelt visserstrui veilig voor de toekomst

Tot ze in 2012 door uitgeverij Forte werd benaderd om een nieuw boek te schrijven over visserstruien. Ze twijfelde, maar was toch nieuwsgierig. Stel dat er nog andere foto’s van visserstruien te vinden waren? Ze waagde een belrondje, maar negentig procent van de archieven en musea reageerde hetzelfde: “Visserstruien? Nooit van gehoord. Die zijn hier niet gedragen.” Het feit dat zelfs de vissersdorpen deze traditie waren vergeten, trok haar over de streep. En zo begon ze aan haar missie. Een avontuur dat ze omschrijft als ‘de mooiste periode in mijn leven’. Met een stevige deadline ging ze op onderzoek uit. Dag en nacht werkte ze door. De truien die zij onderzocht werden door vrouwen gebreid van wol in één kleur: blauw, naturel, grijs of zwart. De kennis werd van moeder op dochter doorgegeven. “Om dit vrouwelijk erfgoed levend te houden vond ik het belangrijk dat de truien opnieuw zouden worden gebreid. Het ontwikkelen van breischema’s is een ‘hell of a job’, weet ik uit ervaring.”

Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Werkkleding voor dag en nacht; nooit in de was

Daar komt bij dat er nauwelijks originele visserstruien bewaard zijn gebleven. Ze werden dag en nacht gedragen en nooit gewassen. Dat laatste had een groot voordeel: het vuil en vet maakte de truien vanzelf water- en winddicht. De meeste visserstruien eindigden als poetsdoek of dekzwabber. Vandaar dat de truien in het museum toepasselijk aan bezemstelen zijn opgehangen. Het T-model is daardoor goed zichtbaar. “Gelukkig zijn de glasplaatfoto’s uit die tijd onvoorstelbaar scherp. Wanneer je die flink vergroot kun je de breisteken van de truien bijna tellen”, aldus Ruhe. Aan de hand van deze historische foto’s maakte ze schetsen, vervolgens breide ze proeflappen en op basis daarvan ontstonden de breischema’s. Op een website plaatste ze een oproep voor vrijwilligers om de truien te breien. Dat leverde ruim zeventig reacties op waaruit 45 breisters zijn geselecteerd.“Brei-ervaring was wel een voorwaarde. Eén van de meest bewerkelijke visserstruien uit Hindeloopen heeft maar liefst 2.300 kabeldraaiingen.”

Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Motieven ter bezwering van de gevaren op zee

Ruhe kan smakelijk vertellen over de visserstrui én de geschiedenis van de visserij in Nederland. De meeste vissers waren religieus. Het was een zeer gevaarlijk beroep: slechts vijftig procent van de vissers keerde heelhuids terug. En dus hielden zij zich vast aan het geloof. Het is dan ook geen toeval dat de visserstrui in kokers wordt gebreid: er komt geen naald en draad aan te pas. Net als bij het naadloze hemd van Christus. Ook zitten de truien vol symboliek. Om hun mannen te beschermen verwerkten de vrouwen allerlei bezwerende motieven in de truien, ontleend aan religie, de zee, het strand en de visserij. “Als je erop gaat letten krijg je vanzelf oog voor deze traditionele patronen”, aldus Ruhe. “Het ene motief verbeeldt eb en vloed, het andere de vlaggetjes waarmee de boten communiceerden. Een zigzagmotief symboliseert een bliksemschicht. Kabels en ladders staan voor de verbondenheid met God. Het diamantmotief dat voorkwam in heel veel truien is het godsoog, tevens het alziend oog dat de vissers op het rechte pad moest houden. Ondanks dat er alleen maar recht en averecht werd gebreid is er ongelofelijk veel variatie in de breipatronen.”

Klederdrachtmuseum toont visserstruien van Stella Ruhe

Geen visserstrui is exact hetzelfde

Hoe armer de vissers waren, hoe lichter de wol. Geverfde wol was immers kostbaarder. Sommige truien zijn aan de onderkant tricot gebreid en hebben alleen aan de bovenkant motieven. Ook dat is een teken van armoede. Ruhe: “De vissers leefden in omstandigheden waar wij ons geen voorstelling meer van kunnen maken. Die historische context beschrijf ik ook in mijn boeken. De visserij heeft een ongelofelijk belangrijke rol gespeeld in geschiedenis van Nederland en veel mensen willen graag meer te weten komen over hun achtergrond. Dat is denk ik de basis voor het succes.” Door het eerste boek uit 1983 is er een mythe ontstaan dat elke vissersplaats een eigen trui heeft. Maar ondanks de terugkerende motieven is geen visserstrui exact hetzelfde. De vrouwen breiden uit hun hoofd wat ze zelf mooi vonden en lieten er dikwijls hun creativiteit op los. Daarom gaf Ruhe de vrijwilligers die de truien hebben nagebreid ook de vrijheid om er hun eigen draai aan te geven. De truien blijven in het bezit van de breisters, met een eeuwigdurende optie om ze te lenen voor de tentoonstellingen.

Exposities en lezingen van Denemarken tot Alaska

Het project heeft Ruhe overal gebracht: van Denemarken tot Alaska is er belangstelling voor de Nederlandse visserstruien. Zeven jaar en drie boeken verder – waarin ze in totaal 160 visserstruien documenteerde – blijft het onderwerp haar boeien. “Sommige aannames uit mijn eerste boek heb ik door nieuw verkregen inzichten in het tweede deel moeten herroepen. Het derde boek gaat over de kinderen in de visserij, die al zeer jong volwaardig moesten meedoen. Er komt voorlopig geen nieuw deel. Misschien wel een digitale uitgave. Ook zou ik graag een internationaal symposium willen organiseren, met een expositie waarin Nederlandse visserstruien worden gecombineerd met exemplaren uit andere landen.” Ze eindigt haar rondleiding in de Staphorstkamer. Sinds 2013 staat het beroemde Staphorster Stipwerk op de nieuwe lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed. Komt de Nederlandse visserstrui hier ook voor in aanmerking? “Ik vind van wel, al is niet aan mij om dat verzoek in te dienen. Maar”, besluit Ruhe, “misschien moet ik hier toch eens over gaan praten met het Textile Research Centre in Leiden.”

De tentoonstelling ‘Visserstruien van Stella Ruhe’ is tot 1 oktober 2019 te zien in het Klederdrachtmuseum, Herengracht 427, in Amsterdam. Er zijn speciale rondleidingen te boeken door Stella Ruhe zelf op verschillende data via Hetklederdrachtmuseum.nl

De tentoonstelling ‘Visserstruien van Stella Ruhe’ in het Klederdrachtmuseum in Amsterdam riep bij de redactie de vraag op of er ook hedendaagse modeontwerpers en -merken zich bezighouden met de vissertrui. Dat resulteerde in dit artikel: Ontwerpers blazen traditionele visserstrui nieuw leven in

Beeld: Visserstruien van Stella Ruhe in het Klederdrachtmuseum

 

Gerelateerd

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN