Brandon Wen, creatief directeur Antwerpse modeacademie: 'Ik sta mezelf toe een tikkeltje naïef te zijn'

Mensen|Interview
Brandon Wen presenteert zijn debuutcollectie in Antwerpen. Credits: Flanders District of Creativity
Scroll down to read more

Brandon Wen volgde als eerste niet-Belg en jongste afdelingshoofd in de geschiedenis van de Antwerpse modeacademie de legendarische Walter Van Beirendonck op. Dit jaar studeren de studenten waarmee hij begon af. FashionUnited spreekt hem in Antwerpen over zijn eerste lichting, en het tot stand komen van zijn eigen debuutcollectie.

Eigenlijk heeft Wen helemaal geen tijd voor een interview als we bij hem aanschuiven aan een gietijzeren tafeltje in de zon, begin juni, tijdens het Antwerp Fashion Festival. Morgen is de show van zijn eerste masterstudenten aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK). Om hem heen wemelt het van de buyers, ze willen zijn debuutcollectie zien, die hij als bijdrage aan het festival laat zien. In 2019 kwam hij immers zelf nog, met vlag en wimpel geslaagd, van de Academie af.

'Ik geloof in jou'

Over zijn afstudeerklas spreekt hij hoopvol, angstig en emotioneel tegelijk. "Ik heb de school alleen maar gekend met hen erin. Het is raar om ze er straks niet meer te zien." Nu is het afwachten wat er met hen gebeurt. "Als leerkracht heb je zoveel verwachtingen van een student, niet op een slechte manier, maar als in: ik geloof in jou, daarom wil dat het werk goed is. Maar het gaat er niet om wat ik wil dat het wordt. Ze moeten zelf uitvinden wat zij op dit moment nodig hebben voor hun carrière. Dat is moeilijk als je zo gehecht bent aan ze."

Voorganger Walter Van Beirendonck drukte een duidelijke stempel op de opleiding. Conceptuele vrijheid, extreme creatieve expressie, karakter. Hoe zit dat bij Wen? "Mij is verteld dat er duidelijk meer focus ligt op materiaal. Ik hou van textiel. Ik hou van manipulatie. Je verandert de vakken niet expliciet, maar zo'n voorkeur sijpelt er wel doorheen, als je vragen stelt: Heb je al manipulaties gedaan? Laat me iets zien. Dit is mooi, maar probeer eens iets nieuws."

Brandon Wen op de dag van het interview, in vijfsterrenhotel Botanic Sanctuary, Antwerpen, voor een installatie met zijn eigen werk. Credits: Anna Roos van Wijngaarden

Freaks

"Ik ben geen micromanager. Als je goed bent, moet je lekker doen zoals jij het wil doen. We zijn allemaal vrij aan de academie. Je voelt dat aan de leerkrachten en de manier van lesgeven." Wen is blij met de bouwstenen die al in het programma zaten: jaar twee is het pittigst. Je leert er nette jassen maken, in lagen te werken, collecties op te bouwen: de zogenaamde collection arc. "Beheers je die niet, dan kun je het vak niet in." In jaar drie mogen de studenten los. "Daar worden ze allemaal freaks. En dat is goed."

Tussen de masters zitten namen om in de gaten te houden. Een aantal is zo vreselijk getalenteerd — wie wil Wen niet verklappen — ze zijn eigenlijk te goed om ergens achterin een prestigieus atelier de randzaken te doen. "Ik bel dol op deze generatie. Ze werken keihard. Hun karakters zijn super intens, en daarmee interessant. Ik ben doodsbang voor wat er met ze gebeurt straks. Krijgen ze een leuke baan, een beetje corporate, een beetje gek? Bij sommigen denk ik: nergens is goed genoeg voor jou. Je hoopt dat ze goed terecht komen, ergens waar hun vuur niet dooft."

Tijdens het Antwerpse modefestival van 4 tot 7 juni sprak Van Beirendonck nostalgisch over zijn tijd op de Academie in de shownotes. Het maakte van hem een ander mens. Wen ervoer dat ook zo, hij gunt zijn studenten dezelfde herinneringen. "Je onder vrije, creatieve, hardwerkende mensen begeven — dat is eigenlijk altijd al het motto van de school geweest. En ik ben er zelf een product van."

Royal Academy of Fine Arts: Masters 2026

Op 5 en 6 juni studeerden zestien masterstudenten af met een modecollectie aan de Antwerpse Academie (KASK). Lars Mertens, Stan Peeters, Tristan Stieners en Yvonne Schichtel kregen lovende kritieken; hun namen gonsden door de witte hallen van de academie op zaterdag, toen de expo voor familie en pers te bezichtigen was, en tussendoor met ernst werd gejureerd. Dan gingen de deuren even dicht.

Yvonne Schichtel kreeg lovende kritieken om haar zachte collectie, geïnspireerd op godinnen. Credits: Anna Roos van Wijngaarden

De looks van Mertens laten zich kenschetsen langs lijnspellen en gewaagde materiaalexperimenten — de hartewens van Wen in vervulling. Hij laat sculpturale silhouetten zien, en dirkt ze op met decoraties van hout. Daarmee verraadt hij meteen zijn achtergrond in de architectuur. Op KASK leerde hij zelfstandig worden, en een totaalplaatje aanleveren. Hij ontwierp zelfs een parfum met design flacon. Tussen zoveel talent voelt hij zich comfortabel. "Bij de voordeur wordt streng gefilterd, zo bewaart de Academie zijn kwaliteit."

Het werk van Lars Mertens gaat het om sterke lijnen en materiaalexperiment. Credits: Anna Roos van Wijngaarden

Schichtels werk verwijst in zijn luchtigheid, met lagen tulle en organza, naar een zachte vorm van vrouwelijkheid, en 'goddess shapes'. KASK voelde als een warme bubbel. "Het is zo'n luxe om vier jaar lang, zelfzuchtig, alleen maar bezig te zijn met je eigen werk. Nu ga ik terug de wereld in." Ze hoopt op een plekje bij Chanel — en zo snel mogelijk: een werkvisum.

Voor Stieners is straks vooral de werksfeer belangrijk. Zijn gelaagde collectie, gemaakt van rijkbedeelde stoffen met veel structuur, wordt met dat van Dries van Noten in verband gebracht — daar hoopte hij ook op. Met de Academie mochten ze er eens langs. "In het atelier was het heel familiaal, dat lijkt me fijn, als je niet wordt verzwolgen in een enorm team."

Masterstudent Tristan Stieners showt een stuk uit zijn eindcollectie. Credits: Anna Roos van Wijngaarden

All Things Equal

Sinds 2009 had Antwerpen geen grote modeviering meer gezien. Wen maakte gebruik van het momentum door op Antwerp Fashion Festival ook eigen werk te laten zien — zijn debuutcollectie, met een kunstinstallatie in vijfsterrenhotel Botanic Sanctuary. 'All Things Equal' omvat drie couturestukken en een ready-to-wear lijn. Het heeft een filosofische inslag, zegt stagiaire Guste Maroscikaite. Ze staat er heel de dag bij, hielp mee met de productie en weet de bedoeling erachter uit te leggen. "Brandon experimenteerde met vlakheid — hoe ver kun je een vierkante, tweedimensionale lap stof 'pushen' voor het een kledingstuk wordt." Als inspiratiebronnen dienden onder meer de Japanse animatiestudio Ghibli zich aan, een ikebana-bloemschikkunst. Wen maakte varianten op de hoed: ikebanas.

De drie couturestukken vormen het hart van de collectie. "Ik durf niet te gokken hoeveel uren werk er in zitten," zegt Maroscikaite — een kluif ervan heeft zij gedaan. Het meest spectaculaire stuk omschrijft ze als kosmische shorts met een sculpturaal bovenstuk in organza en raffia; het hoofddeksel is geïnspireerd op dat van een personage uit een videogame uit Wens jeugd. Het derde stuk in de galerij, met witte en blauwe bloemen, een babyroze rok en een smaragdgroene ruches, maakte de meeste indruk op het publiek.

De tekst gaat door onder de afbeeldingen

'Kosmische shorts' met een sculpturaal bovenstuk in de debuutcollectie van Brandon Wen, 'All things equal'. Credits: Flanders District of Creativity
'Het stuk met witte en blauwe bloemen, een babyroze rok en een smaragdgroene ruche, maakte de meeste indruk op het publiek.' Credits: Flanders District of Creativity

Select groepje

Op het festival was de ready-to-wear-lijn te pre-orderen: veelal hoekige silhouetten die op diverse lichamen passen, luchtige katoenen tops en kimono-achtige jackets. Wijde broeken met een scherpe snit. Voorlopig houdt Wen het bewust bij een select groepje afnemers, omdat hij de lijn tussen zichzelf en de klant zo kort mogelijk wil houden. "Eerst maar eens ontdekken wie de mensen zijn die mijn kleren mooi vinden, wie ze wil dragen en kopen."

Als het festival er niet was geweest, had hij zijn debuut waarschijnlijk niet zo en public gepresenteerd. "Ik deed al een besloten preview bij mij thuis, en liet het twee weken hangen zodat mensen terug konden komen. We kletsten wat, ze pasten dingen. Ik heb zo best goed verkocht. Nu weet ik dat er iets is om op verder te bouwen." Bij het gebaande verkooppad heeft hij zijn twijfels, dat van hoe meer hoe beter. "Het is zo moeilijk als jong merk om in veel winkels te liggen en de hele productie vooraf te betalen. Je weet niet wat er aan verkopen terugkomt. Het wordt in die zin nooit echt een commercieel succes, ook al lig je overal in de rekken."

Verfspatten

Aan de muur van de installatie hangen rondom de kleding grote vellen papier met verfspetters en -stroken — intuïtieve, directe expressies van Wen. "Ik zat in een creatieve blokkade, nadat ik een hoop van de meer ready-to-wear stukken al had gedaan. Dus dacht ik, laten we de omgeving fysiek veranderen, zodat ik mentaal een andere ruimte in kan. Ik hing grote vellen op, zette potten verf op de vloer, er stond keihard Björk op. Stond ik daar te schreeuwen naar de schilderijen. Het leek me wel zo eerlijk om alles hier te laten zien, want het is allemaal onderdeel van het proces."

Schilderkunst van Brandon Wen, gemaakt in zijn huis in Antwerpen. Credits: Flanders District of Creativity

Een beetje naïef

Zijn proces gaat alle kanten op. "Ik maak dankbaar gebruik van mijn ADHD. 's Nachts om twee uur werk ik prima. Ik heb makkelijke sessies en dan een hele slechte, doe veel met bloemschikken, maak eens een foto of schilder, ik schets veel."

Hoofddeksels en decoraties maakt Wen met gebogen riet en raffia in vrolijke kleuren, zo aangeleverd door de leverancier — "disco raffia" noemt hij het zelf. Hij vormde ze in zijn eigen badkuip tot sculpturale vormen: je maakt het nat, oefent druk uit op het materiaal, en het droogt zo op. "De vormen volgen de lijnbewegingen in mijn (kleding)ontwerpen en die van mijn penseelstreken. Plus: ik hou van het grove outdoor-gevoel van raffia."

Die materialen en ook de hoge kwaliteit stoffen komen van leveranciers die Wen persoonlijk bezocht heeft: partijen uit België, die zijn plek op de Academie interessant vinden, en Spanje, deel van zijn wortels. Die lijntjes vindt hij belangrijk. "Ik hou van het verhaal van Made in Belgium, Made in Spain, het is waar ik nu ben, en waar ik vandaan kom. Het klopt zo. Ik begrijp waarom veel designers de productie elders naartoe verplaatsen, maar ik sta mezelf toe om een beetje naïef te zijn."

Antwerpen
Antwerp Fashion Festival
Brandon Wen
Royal Academy of Fine Arts Antwerp
Walter Van Beirendonck