José Teunissen over haar tijd bij AMFI: “Er is een laagdrempeligheid ontstaan in de mode”
bezig met laden...
Per 1 juli zwaait José Teunissen af als opleidingsmanager van het Amsterdam Fashion Institute (AMFI). Na drie jaar neemt Bregje Lampe de taak van haar over. Teunissen blijft in beeld als interim-decaan bij de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Hoe kijkt ze terug op het vormgeven van het leertraject, in een niet bepaald eenvoudige modetijd?
Je kwam binnen op een moment dat de organisatie niet op orde was. Wat trof je aan?
"Er was veel verdeeldheid in de teams, en de organisatie zat rommelig in elkaar. Als eerste heb ik aansluiting gezocht bij het werkveld en aan professionals gevraagd wat zij in deze tijd echt belangrijk vinden voor de opleiding."
Wat leverde dat op?
"We hebben een nieuw curriculum gemaakt rondom de vaste afstudeerrichtingen waar AMFI bekend om staat: branding, design en management. Op het idee om dit meer hybride te maken, kwam vanuit het werkveld kritiek. De oorspronkelijke filosofie van de school is altijd geweest om die drie coredisciplines in huis te hebben, omdat je er hoe dan ook mee te maken krijgt als je in de mode-industrie werkt. Dat vond ik een mooi uitgangspunt."
Wat onderscheidt AMFI van andere modeopleidingen?
"Andere modeopleidingen in Nederland komen meer vanuit het artistieke domein. AMFI sluit aan op de zakelijke realiteit in de industrie en werkt er ook veel mee samen – we hebben honderden stage-adressen verzameld, van marketing tot branding."
Hoe betrek je de industrie erbij?
"We organiseren discussieavonden, en op 1 juli is er het eindexamenevenement, waarbij studenten van branding en management hun werk presenteren via pitches en panelgesprekken. We nodigen dan iedereen uit die we kennen.
Er lopen ook Europese projecten met partners. We onderzoeken wat je in het curriculum moet meenemen om goed op duurzaamheid en digitalisering aan te haken, en ontwikkelen nieuw materiaal dat designstudenten meteen kunnen gebruiken."
De tekst gaat door onder de afbeelding
Wat heb je in drie jaar bij AMFI voor elkaar gekregen?
"We hebben de sterktes van AMFI, die er altijd al waren, teruggebracht – en geüpdatet, omdat circulariteit en duurzaamheid nu een heel andere benadering vragen dan tien jaar geleden, toen je alleen nadacht over welk materiaal je gebruikte. Digitalisering is ook veel meer geworden dan digitaal ontwerpen. Met je PLM-systeem en tools als CLO3D kun je nu ook de hele sampling eromheen maken. Er zijn veel meer mogelijkheden dan destijds."
Welke thema’s zijn een grotere rol gaan spelen?
"Digitalisering heeft bij AMFI al vroeg vorm gekregen met de minor hypercraft, gericht op digitale productontwikkeling. Bij management zitten studenten nu veel op AI en data-analyse. Die twee veranderen de industrie enorm. Je moet je als docent flink inspannen om bij te blijven, want het gaat zo snel. Bij design wordt patroontekenen nu zowel digitaal als handmatig aangeleerd. Je moet technisch inzicht hebben om te begrijpen hoe je het digitaal kunt doen.
Duurzaamheid zat ook al lang in het curriculum. We hebben docenten bijgeschoold op thema's als Europese wetgeving en duurzame stoffen. We hebben een cursus van tien ochtenden in elkaar gezet met experts die kwamen spreken – over onder meer wetgeving, want daardoor verandert véél, en over de R-ladder die merken en beleidsmakers gebruiken voor de transitie naar circulair textiel. Aan het eind moesten de docenten presenteren hoe ze die kennis een plek in het curriculum wilden geven."
Hoe zorg je dat docenten daarin meegaan?
"Docenten hoeven ook niet alles te weten, maar ze moeten wel blijven bijleren. Vandaar dat we actief bijscholing aanbieden en sprekers uit het werkveld uitnodigen om over AI te vertellen: hoe gebruiken zij het in de praktijk?"
Welke rol speelt ethiek op de opleiding?
"We kijken niet alleen naar prestigieuze stageadressen, maar ook naar of bedrijven goed met studenten omgaan. Uitbuiting, zeker in ateliers, is een klassiek risico. We werken ook aan diversiteit in het curriculum, vooral bij design: grotere maten, niet alleen westerse stijlen. Zeker nu de mode weer een beetje de andere kant op gaat, is het belangrijk dit vast te houden."
Wat is de ambitie voor studenten die AMFI verlaten?
"We willen aan de forefront van het vakgebied zitten en onze studenten opleiden om mee te helpen aan de transitie van de industrie. Je moet studenten bewust maken van waar ze aan bijdragen, en ze tegelijk de moed en hoop geven dat het ertoe doet. Het is een kwestie van doceren en van toegankelijke vertalingen en oplossingen bieden die ze zelf kunnen toepassen. Je kan nu via Instagram je t-shirt verkopen. "Er is een laagdrempeligheid ontstaan in de mode, je kunt het op andere manieren doen die tot kort geleden helemaal niet bestonden."
Prestaties vanuit branding en management zijn minder zichtbaar dan design.
"Ja, het promoten van die eindresultaten is moeilijker dan het geven van een modeshow, maar er zitten hele interessante projecten bij. Zo maakte een student de website van een bestaand sieradenmerk gebruiksvriendelijker voor een oudere clientèle, zodat zij beter door het aanbod konden navigeren."
Waar ben je het meest trots op?
"De eindexamenevenementen. Je ziet daar een grote variatie in waar studenten mee bezig zijn, dat ze echt geëngageerd zijn en proberen oplossingen te vinden in deze ingewikkelde wereld. Ik ben blij dat AMFI er na drie jaar hard werken weer stevig staat als opleiding."
Welk project blijft je bij?
"De Klerenpartij: een fictieve, activistische politieke partij opgezet in 2025 door AMFI en Changency. Het idee kwam voort uit een workshop met docenten, studenten en bedrijven over nieuwe waarden en een nieuw narratief voor mode. De kleren kregen met de partij 'agency'. We maakten speciale hoofddeksels, deden een protestactie, en werden zelfs opgepakt door de politie terwijl het allemaal niet echt was. Er kwam nog een vervolgsessie in de raadzaal in Arnhem, met echte wethouders. Een leuke spin-off van iets wat klein begon."
De tekst gaat door onder de afbeelding
Wat komt er nog aan voor AMFI?
"We gaan verhuizen naar een ander pand, en dan kunnen we ook nadenken over welke faciliteiten we nodig hebben. Het huidige gebouw is mooi, maar ook onhandig en inefficiënt. Mensen konden elkaar er moeilijk vinden."
Je stapt over naar een interim-functie als decaan Digitale Media en Creatieve Industrie (FDMCI) bij de HvA. Dat was nodig, zei je eerder in een interview.
"Er is veel aan de hand bij de HvA met de bezuinigingen. Als je naar een decaan van buiten moet zoeken, duurt dat veel langer; die persoon moet zijn baan opzeggen, hiernaartoe komen, inwerken. Dat hoef ik allemaal niet.
Het was nooit mijn plan geweest. Maar nu, in deze tijd, en als onderdeel van deze faculteit met wat er allemaal speelt, draag ik het stokje met veel plezier over aan Bregje."
Hoe zie je het belang van de creatieve industrieën in deze tijd?
"Creativiteit verbindt. Het maakt veranderingen zichtbaar en legt daarbij de nadruk op de menselijke maat. Het wordt te snel geparkeerd als overbodige luxe, terwijl het essentieel is – voor plezier in het leven, maar ook om dingen betekenis te geven; wat er wel en niet toe doet. Creativiteit geeft vorm aan de waarde van dingen."
Na London College of Fashion en AMFI kies je nu voor een ander vakgebied. Ga je de mode missen?
"Mode is een leuke omgeving om in te werken, al is het alleen maar om hoe de studenten er bij lopen. Die uitbundigheid zal ik wel een beetje missen. AMFI is onderdeel van deze faculteit, dus ik blijf ze volgen, al is het op afstand.”