(advertentie)
(advertentie)
Museumprijs 2017 in teken van design en mode

Dit jaar is ‘Design & Mode’ het thema van de BankGiro Loterij Museumprijs. Drie musea zijn genomineerd voor de prijs: Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, het TextielMuseum in Tilburg en Stedelijk Museum ’s-Hertogenbosch. De winnaar ontvangt een bedrag van 100.000 euro ter besteding van zijn ‘museumdroom’. Deze ‘droom’ is van tevoren ingediend.

Het is de tiende keer dat de publieksprijs wordt uitgereikt. De BankGiro Loterij Museumprijs is dit jaar bestemd voor het museum dat er het beste in slaagt zijn eigen collectie design en/of mode voor een breed publiek te presenteren. De drie genomineerden zijn door een vakjury geselecteerd. Het publiek kan tussen 27 maart en 30 april zijn stem uitbrengen via de website van de Museumprijs. Het museum met de meeste stemmen mag zich een jaar lang ‘Museum van het Jaar’ noemen.

Het vernieuwen van het TextielLab, dat recentelijk nog het Predikaat Hofleverancier ontving, is de grote droom van Textielmuseum Tilburg. Errol van de Werdt, directeur TextielMuseum Tilburg: “Als we winnen, gebruiken we het geld om onze toekomstvisie te realiseren: Het museum zijn waar je als bezoeker binnen komt en als maker weg gaat! We hebben de wens het geld te investeren in een weefmachine waarop je als bezoeker een theedoek naar eigen ontwerp kan uitwerken: ‘personal fabrication’.”

Stedelijk Museum ‘s-Hertogenbosch wil het geld besteden aan de tentoonstelling over Jean Cocteau in 2018. Timo de Rijk, directeur Stedelijk Museum ’s-Hertogenbosch: “Ons museum heeft een kleine collectie van de Franse multi-kunstenaar. Jean Cocteau was als surrealistisch schilder en tekenaar actief en onder invloed van zijn goede vriend Pablo Picasso ging hij ook werken met keramiek en sieraden. Vooral dit laatste aspect willen we naar voren halen in de tentoonstelling, die we zonder het prijzengeld niet zouden kunnen realiseren.”

Museum Boijmans Van Beuningen is van plan om het bedrag te besteden aan ‘een of meerdere aankopen op het gebied van hedendaags design’. “Het doel wordt nader bepaald als de prijs is gevallen en is geënt op het expositiebeleid van het museum,” aldus directeur Sjarel Ex.

Ieder jaar staat een andere categorie centraal bij de Museumprijs. Eerdere winnaars zijn: Nationaal Monument Kamp Vught (2016), Fries Museum in Leeuwarden (2015), Klok & Peel Museum Asten (2014) en Joods Historisch Museum in Amsterdam (2013). De Museumprijs wordt sinds 1990 uitgereikt en is een initiatief van het Prins Bernhard Cultuurfonds en de BankGiro Loterij, in samenwerking met de Museumvereniging.

Op donderdag 11 mei wordt de winnaar van de BankGiro Loterij Museumprijs 2017 bekendgemaakt.

Beeld: The Future of Fashion is Now, 2014, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Fotograaf: Aad Hoogendoorn

De hoed ís koningin Beatrix

REPORTAGE Wat voor hoed zou prinses Beatrix dragen? Het is de grote vraag bij de feestelijke opening van de tentoonstelling ‘Chapeaux! de hoeden van Koningin Beatrix’ in museum Paleis het Loo. De genodigden hebben het subtiele hoedje op de uitnodiging aangegrepen om zich stijlvol uit te dossen met hoeden en fascinators. Als prinses Beatrix arriveert is de verrassing groot dat zij ervoor heeft gekozen om géén hoed te dragen. “De afwezigheid van een hoed is altijd betekenisvol”, stelt Ineke Sluiter, hoogleraar Griekse Taal en Letterkunde aan de Universiteit Leiden. “Bij rampzalige gebeurtenissen bijvoorbeeld, wanneer het staatshoofd komt toegesneld om een troostende rol te vervullen, blijft de hoed thuis. Vandaag getuigt het achterwege laten van de hoed van een tikje opstandigheid – een eigenschap waar prinses Beatrix om bekend staat.”

De hoed als substituut voor de kroon

Vorstinnen en hoeden zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een hoed vormt de finishing touch van de koninklijke garderobe. “It’s part of the uniform”, antwoordde koningin Elisabeth II ooit toen haar werd gevraagd of ze graag hoeden draagt. Samen met de Britse koningin wordt koningin Beatrix gezien als een iconische koninklijke hoedendraagster. De hoed staat symbool voor haar dertigjarig koningschap. Je zou haast kunnen zeggen: de hoed ís koningin Beatrix. Van 1980 tot 2013 droeg zij er honderden bij speciale gelegenheden: tijdens staatsbezoeken, ontvangsten, ontelbare openingen en prijsuitreikingen, op Prinsjesdag en Koninginnedag. De hoed hoort bij het verwachtingspatroon: het is iets waar mensen naar uitkijken.

De hoed ís koningin Beatrix

Altijd herkenbaar in de menigte

Vanzelfsprekend moet een koninklijke hoed aan bepaalde eisen voldoen. Zo mag de hoed beslist niet afwaaien. Vandaar dat Koningin Beatrix in veel van haar hoeden een hoedenspeld draagt. Enkelen zijn familiebezit: ze werden ook gedragen door koninginnen Emma en Wilhelmina. Verder mag de hoed niet extravagant zijn, dat zou afleiden van de persoon en de gelegenheid – al zijn er op de tentoonstelling wel degelijk een paar hoeden te zien met extravagante versieringen. Daarnaast moet het gezicht herkenbaar blijven en is zichtbaarheid belangrijk: de hoed moet meteen opvallen in de menigte: “Kijk, daar is de koningin!” Tot slot moet de hoed rondom perfect zijn uitgevoerd, want hij wordt immers van alle kanten bekeken en gefotografeerd.

Gevoel voor verhoudingen

Het vertrouwde silhouet van onze voormalige koningin is het resultaat van een jarenlange samenwerking met couturiers en hoedenmakers. In de tentoonstelling staan creaties van hoedenmakers Harry Scheltens, Emy Bloemheuvel en Suzanne Moulijn centraal. De koningin, een niet onverdienstelijk beeldhouwster, heeft zelf ook een artistiek oog. “In koningin Beatrix heb ik vanaf het begin vermoed dat zij in lijnen denkt”, zei haar voormalig couturier Theresia Vreugdenhil. “Dat moest zich in haar kleding weerspiegelen.” Hoedenmaker Harry Scheltens: “Ze heeft een enorm gevoel voor verhoudingen, of wat je noemt een echt timmermansoog. Zij heeft eerder dan ik in de gaten dat er met een hoed iets niet helemaal in orde is.”

De hoed ís koningin Beatrix

Het herkenbare Beatrix-silhouet

Vormgevers Maarten Spruyt en Tsur Reshef hebben bij het ontwerp van de tentoonstelling niet gekeken naar de functie van de hoed of de chronologie, maar naar het visuele plaatje. In de strak ingerichte zalen staan de hoeden centraal. Voor de presentatie ontwikkelden ze speciale hoedenstandaards met het Beatrix-silhouet, zowel voor- en achteraanzicht als en-profiel, in meerdere formaten. “Want de manier waarop de hoed is gepositioneerd op de vorm van haar kapsel is zeer bepalend.” Daarnaast reageerden ze op de collectie die bewaard is gebleven. “De hoeden van sisal en sinamay zijn in de meerderheid: aan deze lichte materialen gaf koningin Beatrix de voorkeur. Veel zwaardere vilten hoeden uit de beginperiode zijn er niet meer.”

De hoed ís koningin Beatrix

Sculpturale ‘hat cakes’

Helaas worden er nergens jaartallen en makers vermeld. Dit vanwege het feit dat veel hoeden opnieuw zijn gedragen, waarbij de oorspronkelijke modellen werden aangepast. Hierdoor is het moeilijk te zien hoe de hoedenstijl van koningin Beatrix is geëvolueerd. Toch laten de foto’s en filmbeelden van gelegenheden waarop ze zijn gedragen een ontwikkeling zien: vanaf 1986 worden de modellen groter en eigenzinniger. Die vernieuwing is nooit meer gestopt. Veel hoeden zijn sculpturaal of zelfs architecturaal, zoals die met gestapelde randen of meerdere bolle lagen – de zogenaamde ‘hat cakes’ – of met een extreem grote bol. Koningin Beatrix ontwikkelde een compleet eigen hoedentaal. Een opstaande rand bleek een succes omdat haar gezicht zo goed te zien was: van dit type hoed zijn dan ook vele varianten gemaakt.

Wellicht de meest onverwachte hoed in de collectie is een surprise die koningin Beatrix ooit met Sinterklaas van haar drie zoons kreeg. Een vilten hoedje bekleed met crêpepapier, versierd met pijpenragers en kippengaasvoile in de kleuren van het koninklijk huis. Het principe van hoedenmaken – een mal waar de vorm overheen wordt gemodelleerd – is kinderlijk eenvoudig. Maar het vervaardigen van een hoofddeksel met koninklijke klasse vereist vakmanschap.

De tentoonstelling ‘Chapeaux! de hoeden van koningin Beatrix’ is nog tot en met 27 augustus te zien in museum Paleis het Loo.

Beeld: Homepage foto door: F. van Beek. Foto 2 + 4: T. Haartsen, Foto 3: PPE

Kijken: Modemuze in de Openbare Bibliotheek Amsterdam INTERACTIEVE VIDEO

Modemuze, het platform dat Nederlandse museale mode- en kunstverzamelingen online presenteert, is offline gegaan. "Op Modemuze zijn inmiddels duizenden modestukken uit twaalf musea te zien. Tijd dus voor een offline tentoonstelling,” zegt hoofdconservator Annemarie den Dekker van het Amsterdam Museum in de maart editie van de OBA Amsterdam krant.

In de Openbare Bibliotheek Amsterdam worden showpieces uit twaalf modemusea tentoongesteld die iets vertellen over Nederland en mode. Een van die topstukken uit de collectie van het Amsterdam Museum is de Luipaardmantel, een creatie van ontwerpster en kunstenares Fong Leng (1973). "Deze mantel is bijna een kunstwerk, het bevat zoveel leer dat het loodzwaar is," aldus Den Dekker.

Benieuwd geworden? Bekijk de reportage. Zet uw geluid aan voor een toelichting van conservator Madelief Hohé van het Gemeentemuseum in Den Haag.

Tip: klik op de iconen in de video voor meer informatie over de modestukken. De audio wordt dan tijdelijk gepauzeerd.

[email protected] in de expozaal van de Openbare Bibliotheek Amsterdam is tot 2 juli te bezoeken. Toegang is gratis (vrije inloop). Er is ook een evenementenprogramma met lezingen en open depot bezoeken om ‘liefhebbers, kenners en professionals met elkaar in contact te brengen’. Via de website van Modemuze kunt u het volledige programma bekijken en kaarten reserveren.

Permanent browsen door mode- en kostuumcollecties

Modemuze werd in 2015 gelanceerd. Een gespecialiseerd platform als Modemuze, dat was volgens Bianca du Mortier, Conservator Kostuum bij het Rijksmuseum, echt een gemis: wie in Google een modetrefwoord intikte kwam terecht op allerlei verkoopwebsites, maar niet bij de verzamelingen van de musea. Tegen FashionUnited zei Du Mortier bij de lancering van de databank: “Ik ben erg vóór het openbaar maken van verzamelingen. Vanwege de kwetsbaarheid van textiel zijn veel kostuums hooguit zes maanden per jaar te bekijken, daarna verdwijnt al dat moois weer in het depot. Er is een groeiende behoefte om die objecten het hele jaar door te kunnen raadplegen.”

Lees meer over Modemuze in het artikel: 'Modemuze is een groeidiamant'

Foto’s en video: Inge Beekmans voor FashionUnited

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Dat we vrouwen tegenwoordig vaak met een tas aan de arm zien, betekent niet dat mannen geen tassen dragen. Wanneer gekeken wordt naar de historie van de tas, zien we mannen juist heel vaak met de accessoire. Tegenwoordig mag een tas ook bij een man niet meer ontbreken en tentoonstelling ‘It’s a Men’s World’ in Tassenmuseum Hendrikje in Amsterdam laat alle varianten zien.

Het thema door de gehele expositie is ‘fashion or function’. ‘In welke gevallen kiest een man voor en tas en wanneer heeft hij genoeg aan zijn broekzak?’ Uitgelicht zijn de dandy, Amsterdamse mannen, ontwerpers en bekende mannen en hun tas.

Van 11 maart tot en met 27 augustus zijn moderne maar ook eeuwenoude tassen en buidels tentoongesteld in het pand aan de Herengracht.

Neem alvast een kijkje naar de bijzondere tassen.

Bagage, grote hutkoffer met leren bekleding en metalen randen en leren grepen. Binnen 4 laden en kledinghaken. Zumpolle, Nederland, 19e eeuw.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Bagage, koffer van leer met LV monogram op canvas, Louis Vuitton, Frankrijk. Ca. 1920

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Beurs, huwelijksbeurs Martha en Maria Magdalena, 3 kwasten, misschien beurs van kloosterlingen. Ca. 1680, Frankrijk.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Reiskoffer, leer met een print van de letter B, met blauwe canvas beschermhoes,met necessaires, Shrek, Berlijn, Duitsland, 1920-1930.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Reistas, leer met necessaires met zilveren deksels, met monogram Koning Willem III (1817-1880), uit de nalatenschap van Koningin Juliana (1909-2004)

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Schoudertas van kunststof, zwart met rode strepen op voorklep, Taggen, Nederland, 2006.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Tapijttas, kralenwerk en leer, koperen beugel, Duitsland, ca. 1850.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Tas, botanistentrommel, voorstelling; paardenrace met katoenenband, ca. 1925, Frankrijk

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Tas, citybag (dokterstas) klein model van bruin leer, binnen canvas met metalen schuifbeugel, ca. 1925, Nederland.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Tas, handtas type bowling oranje plastic met bruin hengels, Bijenkorf, 1998, Nederland.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Tas, schoudertas bruin met de LV kenmerken, sluiting en zijkant van soort tuigleer, Louis Vuitton, 1950-60, Frankrijk.

In beeld: tentoonstelling It’s a Men’s World - Tassenmuseum Hendrikje

Beeld: Tassenmuseum Hendrikje

Bijzondere tas in de etalage bij Kiki Niesten tijdens TEFAF

Bij modewinkel Kiki Niesten wordt tijdens TEFAF, het kunstfestival dat van start is gegaan in Maastricht, een bijzondere tas geëtaleerd. Het gaat om een ludiek ontwerp van Lernert & Sander. Het Amsterdamse creatieve duo dat wordt gevormd door Lernert Engelberts en Sander Plug, ontwierp een nudekleurige asymmetrische leren tas: de bag bag 'in de vorm van de wallen die vroeg of laat ontstaan onder de ogen van de modemens'.

In de etalage hangt een grote foto van eigenaresse Kiki Niesten met twee tassen op de plaats van wallen onder haar ogen.

Bijzondere tas in de etalage bij Kiki Niesten tijdens TEFAF

"Het ontwerp vindt zijn oorsprong dus in iets wat in de mode eigenlijk nooit getoond wordt: ouderdom en vermoeidheid," vertelt Sander Plug over het ontwerp in het persbericht. "De modewereld is een soort Rupsje Nooitgenoeg. Er moeten alsmaar meer collecties in een jaar worden gemaakt," zegt Lernert Engelberts. "Je hebt haast geen tijd om te dragen wat er uitkomt, omdat er meteen alweer iets nieuws wordt gelanceerd’, vult Plug hem aan. Iedereen die in de mode werkzaam is, wordt er af en toe doodmoe van."

Bijzondere tas in de etalage bij Kiki Niesten tijdens TEFAF

Bag bag is een productie van Adult en werd handgemaakt door studio Niyona. De bag bag is 'echt geënt op de huid onder een van Niestens ogen'. Van de huid is een grafische vertaling van gemaakt, een stilering in een leersoort die volgens de makers ‘eenzelfde patina en structuur heeft als een mensenhuid’. De asymmetrische vorm van de tas is door die specifieke wal gedicteerd en de rimpels binnen de wal bepaalden waar de verschillende opbergvakken kwamen.

"Het is een dwars, misschien zelfs wat schokkend concept, maar ik werk er graag aan mee," zegt Kiki Niesten. "Zulke dingen houden ons vak spannend. Relativeringsvermogen is van groot belang. Dat je met een knipoog kunt kijken naar iets waar sommige mensen nachten van wakker liggen," aldus de eigenaresse.

Bag bag by Lernert & Sander is nog tot en met 19 maart in de etalage van Kiki Niesten Maastricht te bewonderen. De winkel met luxemerken als Prada, Chloé, Balenciaga, Dries van Noten en Céline is te vinden in de Stokstraat.

Te koop is de tas niet. Vooralsnog gaat het om een prototype.

Beeld: Lernert & Sander

Voor liefhebbers van zwart start 8 maart de tentoonstelling 'Balenciaga, l’oeuvre au noir' in Parijs. In het Musée Bourdelle wordt een ode gebracht aan couturier Cristóbal Balenciaga (1895-1972), oprichter van modehuis Balenciaga, en zijn voorliefde voor de kleur. Er worden honderd, louter zwarte, kledingstukken geëxposeerd uit de archieven van het 100-jarige modehuis.

Sneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstellingSneak peek: Balenciaga, l’oeuvre au noir tentoonstelling

Balenciaga: L'Oeuvre au Noir is van 8 maart tot 16 juli 2017 te zien in Musée Bourdelle, Parijs.

Dit jaar opent nog een Balenciaga tentoonstelling in het Victoria & Albert museum in Londen.

Foto's: Balenciaga, l'oeuvre au noir. ©Pierre Antoine

Parijs krijgt permanent modemuseum

De hoofdstad van de mode, Parijs, krijgt een permanent modemuseum. Het Palais Galliera, dat al jaren tijdelijke mode exposities toont, opent haar deuren in 2019 het gehele jaar. Dit maakte Anne Hidalgo, burgemeester van de stad, bekend.

Dankzij een donatie van bijna 6 miljoen euro van Chanel Fashion House wordt het mogelijk gemaakt dat Palais Galliera permanent open is. “Het huis Chanel is verblijd dat het Parijs helpt te promoten, de internationale hoofdstad van de mode, en om specifiek Palais Galliera te ondersteunen door de exceptionele collecties beschikbaar te maken in nieuwe permanente ruimtes die de naam zullen krijgen van de oprichter van ons modehuis, Gabrielle Chanel,” zegt president of fashion Bruno Pavlovsky van Chanel. “Het ondersteunen van een instituut zoals Palais Galliera is onderdeel van onze missie om mode tot leven te brengen.”

De Gabrielle Chanel Rooms zullen zich bevinden in de kelder van het paleis, ruim 7.000 vierkante meter, en worden gevuld met mode vanaf de achttiende eeuw tot en met nu. “Parijs is trots dat ze zo’n uitzonderlijke plek kunnen openen, waardoor het weer bevestigd wordt als het thuis van de mode,” zegt Hidalgo.

Tot de opening in 2019 zullen verschillende tijdelijke exposities te zien zijn zoals ‘Balenciaga, L’Oeuvre au Noir’ die volgende week opent.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

Modemuseum Hasselt focust in de expo 'Across Japan' op de Japanse mode van de voorbije 35 jaar. Een mode die trends wereldwijd heeft beïnvloed sinds avant-garde designers als Yohji Yamamoto en Rei Kawakubo eind jaren 80 hun rafelige ontwerpen de catwalk opstuurden. FashionUnited mocht de tentoonstelling al bekijken.

De tentoonstelling staat nog niet helemaal op punt als de rondleiding begint begeleid door curator Karolien De Clippe. Her en der worstelen museummedewerkers met paspoppen en staan er lege kisten van ontwerpen van Balenciaga, Comme des Garçons, Delpozo, Ann Demeulemeester, Givenchy, Iris van Herpen, Yoshiki Hishinuma, Maison Margiela, Alexander McQueen, Issey Miyake, Hanae Mori, Dries Van Noten, Paul Poiret, Raf Simons, Kenzo Takada, Undercover, Viktor & Rolf, Junya Watanabe en Yamamoto. Stuk voor stuk creaties die de kruisbestuiving van Japanse en westerse mode illustreren.

De opmars van de aparte Japanse mode in de jaren tachtig heeft een enorme invloed gehad op de mode-industrie, tot op vandaag. De expo gaat tegelijk terug naar de bredere historische context, met een verkenning van vijf pijlers. Deze thema’s zijn een goede leidraad door de expo omdat ze de directe link met Japan illustreren en tegelijk verwijzen naar zowel de Japanse als westerse designers.

Japonisme

In 1850 wordt Japan na een lange periode van isolatie opengesteld voor internationale handel en worden Japanse prints, materialen en modellen overgenomen in de Westerse mode. Japonisme, of de invloed van de Japanse esthetiek op de westerse mode, zie je opduiken in kimono's, waaiers en parasols tot zelfs de rechte snit van flapperjurken in de jaren twintig.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse modeAcross Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

Wabi-sabi

In de jaren 1980 wordt de Japanse ‘wabi-sabi’-esthetiek ontdekt: het imperfecte, onafgewerkte en vergankelijke als ultieme schoonheid. Dit uit zich in asymmetrische, losse silhouetten met gaten in monochroom zwart en gebroken wit. Een complete shock voor modefanaten die gewend waren aan de glamoureuze ‘bling’ van Gianni Versace, Thierry Mugler en Claude Montana. De deconstructivistische ontwerpen van Martin Margiela en de zwarte geraffineerde looks van Ann Demeulemeester zijn mooie illustraties van deze kruisbestuiving.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse modeAcross Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

Ma

Het Japanse woord ‘Ma’ staat voor de ‘ruimte tussen twee structurele delen’, hier de ruimte tussen kledingstuk en lichaam. Waar in het westen kleding traditioneel strak zit, ligt in Japan de nadruk op een extra dimensie: oversized, recht, genderneutraal. Voorbeelden hiervan vind je bij Rei Kawakubo (met als ‘meta-ma’ de jurk met opdruk van een lichaam), Yohji Yamamoto, Delpozo en Maison Margiela.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse modeAcross Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

Gi-jutsu

Japanse kleding blinkt uit in technologisch vernuft, of ‘Gi-jutsu’: uniek materiaalgebruik, bijzondere verftechnieken... Er worden hedendaagse voorbeelden van deze techno couture getoond: Watanabe, Iris van Herpen, Hishinuma maar ook Riccardo Tisci voor Givenchy. Ook de plooitjes van Issey Miyaki horen hier thuis, een verwijzing naar de Japanse origamikunst.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse modeAcross Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

Kawaii

Het erotische, schattige en bevreemdende van de Japanse streetwear, het resultaat van de talloze subculturen sinds de jaren 1990, werd vanaf 2000 een belangrijke bron van inspiratie voor de ‘high couture’. Dat zie je zowel bij Japanse als bij westerse ontwerpers als Undercover, Westwood en Bernhard Wilhelm, in het gebruik van doodskoppen, strikken, verwijzingen naar manga, pompeuze stukken met veel details.

Across Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse modeAcross Japan: over de wederzijdse beïnvloeding van Japanse en westerse mode

De tentoonstelling Across Japan is voor zowel mode- als Japanliefhebbers. De expo loopt van 4 maart tot en met 3 september 2017 in het Modemuseum in Hasselt.

Beeld: Modemuseum Hasselt

Documentaire over Maison Margiela in de maak

Weer een mode-documentaire om naar uit te kijken. Modehuis Maison Margiela is het onderwerp van de documentaire We Margiela die dit jaar uitkomt. Mede-oprichter Jenny Meirens en leden van het creatieve team praten voor het eerst over de filosofieën en creatieve processen die achter alle collecties schuilgaan.

Door middel van diepte interviews wordt ingegaan op de historie van Maison Martin Margiela, hoe het modemerk bekend stond tot de naamsverandering enkele jaren geleden. Zo blijkt dat veel van de iconische beelden waar het modehuis bekend om staat, niet gepland waren, maar momenten van intuïtie en creativiteit. Meirens: “Als je iedereen blij wilt maken, kom je nergens. Ik denk dat je jezelf moet onderscheiden. Uiteindelijk krijg je hierdoor meer vrijheid, als je niet in het systeem past.

We Margiela wordt gemaakt in samenwerking met het Nederlandse Mediafonds, Nederlands Filmfonds en omroep AvroTros.

Beeld: Maison Margiela Facebook